Salmos 81

Dutch (DUTCH) vs ARA

Sair da comparação
ARA Almeida Revista e Atualizada 1993
1 Voor den opperzangmeester, op de Gittith, een psalm van Asaf.
1 Cantai de júbilo a Deus, força nossa; celebrai o Deus de Jacó.
2 Zingt vrolijk Gode, onze Sterkte; juicht den God van Jakob.
2 Salmodiai e fazei soar o tamboril, a suave harpa com o saltério.
3 Heft een psalm op, en geeft de trommel; de liefelijke harp met de luit.
3 Tocai a trombeta na Festa da Lua Nova, na lua cheia, dia da nossa festa.
4 Blaast de bazuin in de nieuwe maan, ter bestemder tijd, op onzen feestdag.
4 É preceito para Israel, é prescrição do Deus de Jacó.
5 Want dit is een inzetting in Israel, een recht van den God Jakobs.
5 Ele o ordenou, como lei, a José, ao sair contra a terra do Egito. Ouço uma linguagem que eu não conhecera.
6 Hij heeft het gezet tot een getuigenis in Jozef, als Hij uitgetogen was tegen Egypteland; alwaar ik gehoord heb een spraak, die ik niet verstond;
6 Livrei os seus ombros do peso, e suas mãos foram livres dos cestos.
7 Ik heb zijn schouder van den last onttrokken; zijn handen zijn van de potten ontslagen.
7 Clamaste na angústia, e te livrei; do recôndito do trovão eu te respondi e te experimentei junto às águas de Meribá.
8 In de benauwdheid riept gij, en Ik hielp u uit; Ik antwoordde u uit de schuilplaats des donders; Ik beproefde u aan de wateren van Meriba. Sela.
8 Ouve, povo meu, quero exortar-te. Ó Israel, se me escutasses!
9 Mijn volk, zeide Ik hoor toe, en Ik zal onder u betuigen, Israel, of gij naar Mij hoordet!
9 Não haja no meio de ti deus alheio, nem te prostres ante deus estranho.
10 Er zal onder u geen uitlands god wezen, en gij zult u voor geen vreemden god nederbuigen.
10 Eu sou o Senhor , teu Deus, que te tirei da terra do Egito. Abre bem a boca, e ta encherei.
11 Ik ben de Heere, uw God, Die u heb opgevoerd uit het land van Egypte; doe uw mond wijd open, en Ik zal hem vervullen.
11 Mas o meu povo não me quis escutar a voz, e Israel não me atendeu.
12 Maar Mijn volk heeft Mijn stem niet gehoord; en Israel heeft Mijner niet gewild.
12 Assim, deixei-o andar na teimosia do seu coração; siga os seus próprios conselhos.
13 Dies heb Ik het overgegeven in het goeddunken huns harten, dat zij wandelden in hun raadslagen.
13 Ah! Se o meu povo me escutasse, se Israel andasse nos meus caminhos!
14 Och, dat Mijn volk naar Mij gehoord had, dat Israel in Mijn wegen gewandeld had!
14 Eu, de pronto, lhe abateria o inimigo e deitaria mão contra os seus adversários.
15 In kort zou Ik hun vijanden gedempt hebben, en Mijn hand gewend hebben tegen hun wederpartijders.
15 Os que aborrecem ao Senhor se lhe submeteriam, e isto duraria para sempre.
16 Die den HEERE haten, zouden zich Hem geveinsdelijk onderworpen hebben, maar hunlieder tijd zou eeuwig geweest zijn. [ (Psalms 81:17) En Hij zou het gespijsd hebben met het vette der tarwe; ja, Ik zou u verzadigd hebben met honig uit de rotsstenen. ]
16 Eu o sustentaria com o trigo mais fino e o saciaria com o mel que escorre da rocha.

Ler em outra tradução

Comparar com outra

Estude este capítulo no WhatsApp

Peça à IA da Bíblia Fala para explicar Salmos 81, comparar traduções ou montar um estudo — tudo direto pelo WhatsApp.