Mateus 1
vlsJoNT: Het Nieuwe Testament by Nicolaas De Jonge (SM_VLSJONT) vs NVI
NVI Nova Versão Internacional
1 Geslachtboek van Jezus Christus, den zoon van David, den zoon van Abraham.
1 Registro da genealogia de Jesus Cristo, filho de Davi, filho de Abraão:
2 Abraham gewon Isaäk, en Isaäk gewon Jakob, en Jakob gewon Juda en zijn broeders.
2 Abraão gerou Isaque; Isaque gerou Jacó; Jacó gerou Judá e seus irmãos;
3 Juda gewon Phares en Zara bij Thamar, en Phares gewon Esron, en Esron gewon Aram.
3 Judá gerou Perez e Zerá, cuja mãe foi Tamar; Perez gerou Esrom; Esrom gerou Arão;
4 En Aram gewon Aminadab, en Aminadab gewon Naässon, en Naässon gewon Salmon.
4 Arão gerou Aminadabe; Aminadabe gerou Naassom; Naassom gerou Salmom;
5 En Salmon gewon Boas bij Rachab, en Boas gewon Obed bij Rutli, en Obed gewon Jesse.
5 Salmom gerou Boaz, cuja mãe foi Raabe; Boaz gerou Obede, cuja mãe foi Rute; Obede gerou Jessé;
6 En Jesse gewon David, den koning. David nu gewon Salomo bij de vrouw van Uria.
6 e Jessé gerou o rei Davi. Davi gerou Salomão, cuja mãe tinha sido mulher de Urias;
7 En Salomo gewon Rehabeam, en Rehabeam gewon Abia, en Abia gewon Asa.
7 Salomão gerou Roboão; Roboão gerou Abias; Abias gerou Asa;
8 En Asa gewon Josafat, en Josafat gewon Joram, en Joram gewon Ozias.
8 Asa gerou Josafá; Josafá gerou Jorão; Jorão gerou Uzias;
9 En Ozias gewon Joatham, en Joatham gewon Achaz, en Achaz gewon Hiskia.
9 Uzias gerou Jotão; Jotão gerou Acaz; Acaz gerou Ezequias;
10 En Hiskia gewon Manasse, en Manasse gewon Amon, en Amon gewon Josias.
10 Ezequias gerou Manassés; Manassés gerou Amom; Amom gerou Josias;
11 En Josias gewon Jechonias en zijn broeders, ten tijde der wegvoering naar Babylon.
11 e Josias gerou Jeconias e seus irmãos, no tempo do exílio na Babilônia.
12 En na de wegvoering naar Babyion, gewon Jechonias Salathiël, en Salathiël gewon Zorobabel.
12 Depois do exílio na Babilônia: Jeconias gerou Salatiel; Salatiel gerou Zorobabel;
13 En Zorobabel gewon Abiud, en Abiud gewon Eliakim, en Eliakim gewon Azor.
13 Zorobabel gerou Abiúde; Abiúde gerou Eliaquim; Eliaquim gerou Azor;
14 En Azor gewon Sadok, en Sadok gewon Achim, en Achim gewon Eliud.
14 Azor gerou Sadoque; Sadoque gerou Aquim; Aquim gerou Eliúde;
15 En Eliud gewon Eleazar, en Eleazar gewon Mathan, en Mathan gewon Jakob.
15 Eliúde gerou Eleazar; Eleazar gerou Matã; Matã gerou Jacó;
16 En Jakob gewon Jozef, den man van Maria, uit wie geboren is Jezus, genaamd Christus.
16 e Jacó gerou José, marido de Maria, da qual nasceu Jesus, que é chamado Cristo.
17 Al de geslachten dus van Abraham tot David zijn veertien geslachten; en van David tot de wegvoering naar Babylon, veertien geslachten; en van de wegvoering naar Babylon tot Christus, veertien geslachten.
17 Assim, ao todo houve catorze gerações de Abraão a Davi, catorze de Davi até o exílio na Babilônia e catorze do exílio até o Cristo.
18 De geboorte van Jezus Christus nu was aldus. Terwijl zijn moeder Maria ondertrouwd was met Jozef, werd zij zwanger bevonden uit den Heiligen Geest, éér zij samengekomen waren.
18 Foi assim o nascimento de Jesus Cristo: Maria, sua mãe, estava prometida em casamento a José, mas, antes que se unissem, achou-se grávida pelo Espírito Santo.
19 Jozef nu, haar man, die rechtvaardig was en haar niet wilde te schande maken, was van zin haar heimelijk te verlaten.
19 Por ser José, seu marido, um homem justo, e não querendo expô-la à desonra pública, pretendia anular o casamento secretamente.
20 Maar ziet, toen hij dit in den zin had, verscheen een engel des Heeren hem in een droom, zeggende: Jozef, zoon van David! Vrees niet Maria uw vrouw tot u te nemen, want hetgeen in haar is verwekt, is uit den Heiligen Geest;
20 Mas, depois de ter pensado nisso, apareceu-lhe um anjo do Senhor em sonho e disse: "José, filho de Davi, não tema receber Maria como sua esposa, pois o que nela foi gerado procede do Espírito Santo.
21 En zij zal een zoon baren, en gij zult zijn naam Jezus noemen, want Hij zal zijn volk verlossen van hun zonden.
21 Ela dará à luz um filho, e você deverá dar-lhe o nome de Jesus, porque ele salvará o seu povo dos seus pecados".
22 Dit alles nu is geschied, opdat zou vervuld worden hetgeen de Heere gesproken heeft door den profeet, die zegt:
22 Tudo isso aconteceu para que se cumprisse o que o Senhor dissera pelo profeta:
23 Ziet, de maagd zal zwanger worden en een zoon baren en men zal zijn naam Emmanuël noemen, dat is overgezet: God met ons.
23 "A virgem ficará grávida e dará à luz um filho, e lhe chamarão Emanuel" que significa "Deus conosco".
24 En Jozef uit den slaap ontwaakt zijnde, deed gelijk de engel des Heeren hem geboden had, en nam zijn vrouw tot zich.
24 Ao acordar, José fez o que o anjo do Senhor lhe tinha ordenado e recebeu Maria como sua esposa.
25 En hij bekende haar niet, totdat zij haar eerstgeboren zoon gebaard had. En hij noemde zijn naam Jezus.
25 Mas não teve relações com ela enquanto ela não deu à luz um filho. E ele lhe pôs o nome de Jesus.
Atalhos do teclado
- Capítulo anterior←
- Próximo capítulo→
- Versículo anteriork
- Próximo versículoj
- Limpar seleçãoEsc
- Esta ajuda?
Estude este capítulo no WhatsApp
Peça à IA da Bíblia Fala para explicar Mateus 1, comparar traduções ou montar um estudo — tudo direto pelo WhatsApp.