Efésios 5

Dutch: Gods Boek (NLD_GBV) vs ARA

Sair da comparação
ARA Almeida Revista e Atualizada 1993
1 Volg daarom Gods voorbeeld, als zijn dierbare kinderen,
1 Sede, pois, imitadores de Deus, como filhos amados;
2 door consequent liefde te betonen, zoals Christus zijn liefde voor ons heeft betoond: Hij gaf zijn leven voor ons, als een aangenaam geurend offer – een geschenk voor God.
2 e andai em amor, como também Cristo nos amou e se entregou a si mesmo por nós, como oferta e sacrifício a Deus, em aroma suave.
3 Leef dus zoals het christenen betaamt. Er mag bij jullie geen sprake zijn van seksueel wangedrag of eender welke andere vorm van immoraliteit, noch van hebzucht,
3 Mas a impudicícia e toda sorte de impurezas ou cobiça nem sequer se nomeiem entre vós, como convém a santos;
4 noch van schunnigheid, dwaas gepraat of vuile moppen – die zijn ongepast. In plaats daarvan moeten jullie God danken.
4 nem conversação torpe, nem palavras vãs ou chocarrices, coisas essas inconvenientes; antes, pelo contrário, ações de graças.
5 Jullie moeten goed beseffen dat niemand die zich bezighoudt met seksueel wangedrag, immoraliteit of begerigheid naar wat anderen toebehoort – begerigheid naar wat anderen toebehoort is afgoderij – recht heeft op een aandeel in het koninkrijk van Christus en God.
5 Sabei, pois, isto: nenhum incontinente, ou impuro, ou avarento, que é idólatra, tem herança no reino de Cristo e de Deus.
6 Laat niemand jullie met holle woorden misleiden: het is wegens dergelijk gedrag dat God de mensen zal straffen die in ongehoorzaamheid leven.
6 Ninguém vos engane com palavras vãs; porque, por essas coisas, vem a ira de Deus sobre os filhos da desobediência.
7 Zorg dus dat jullie niet met hen meedoen.
7 Portanto, não sejais participantes com eles.
8 Vroeger waren jullie immers duisternis, maar nu zijn jullie licht, omdat jullie bij de Heer horen. Leef dus als mensen van het licht.
8 Pois, outrora, éreis trevas, porém, agora, sois luz no Senhor; andai como filhos da luz
9 Uit het licht komt namelijk alle goedheid, rechtvaardigheid en waarheid voort.
9 (porque o fruto da luz consiste em toda bondade, e justiça, e verdade),
10 En probeer te ontdekken wat de Heer vreugde geeft.
10 provando sempre o que é agradável ao Senhor.
11 Neem niet deel aan de vruchteloze praktijken van de duisternis; ontmasker ze daarentegen.
11 E não sejais cúmplices nas obras infrutíferas das trevas; antes, porém, reprovai-as.
12 De dingen die stiekem door die mensen gedaan worden, zijn immers te schandalig voor woorden.
12 Porque o que eles fazem em oculto, o só referir é vergonha.
13 Maar ze worden zichtbaar wanneer ze aan het licht worden blootgesteld.
13 Mas todas as coisas, quando reprovadas pela luz, se tornam manifestas; porque tudo que se manifesta é luz.
14 En alles wat zichtbaar wordt, wordt zelf licht. Daarom wordt er gezegd: “Word wakker, jij die slaapt, en verrijs uit de dood; dan zal het licht van Christus je beschijnen.”
14 Pelo que diz: Desperta, ó tu que dormes, levanta-te de entre os mortos, e Cristo te iluminará.
15 Let daarom zorgvuldig op je manier van leven. Leef niet als dwaze, maar als verstandige mensen.
15 Portanto, vede prudentemente como andais, não como néscios, e sim como sábios,
16 Maak gebruik van elke gelegenheid die je krijgt, want we leven in slechte tijden.
16 remindo o tempo, porque os dias são maus.
17 Wees dus niet onverstandig, maar leer begrijpen wat de Heer wil.
17 Por esta razão, não vos torneis insensatos, mas procurai compreender qual a vontade do Senhor.
18 Bedrink je niet, want dat leidt tot uitspattingen. Wees daarentegen vervuld van de Geest,
18 E não vos embriagueis com vinho, no qual há dissolução, mas enchei-vos do Espírito,
19 en spreek elkaar toe met psalmen, gezangen en geestelijke liederen; zing en musiceer van harte voor de Heer.
19 falando entre vós com salmos, entoando e louvando de coração ao Senhor com hinos e cânticos espirituais,
20 Dank God de Vader daarbij voortdurend voor alles, in de naam van onze Heer Jezus Christus.
20 dando sempre graças por tudo a nosso Deus e Pai, em nome de nosso Senhor Jesus Cristo,
21 Aanvaard elkaars gezag, uit ontzag voor Christus.
21 sujeitando-vos uns aos outros no temor de Cristo.
22 Vrouwen, aanvaard het gezag van je man zoals je het gezag van de Heer aanvaardt.
22 As mulheres sejam submissas ao seu próprio marido, como ao Senhor;
23 De man is namelijk het hoofd van zijn vrouw, zoals Christus het hoofd is van de kerk – Hij heeft haar gered en tot zijn lichaam gemaakt.
23 porque o marido é o cabeça da mulher, como também Cristo é o cabeça da igreja, sendo este mesmo o salvador do corpo.
24 En zoals de kerk onder het gezag van Christus staat, moet de vrouw zich in alle opzichten naar haar man schikken.
24 Como, porém, a igreja está sujeita a Cristo, assim também as mulheres sejam em tudo submissas ao seu marido.
25 Mannen, heb je vrouw lief zoals Christus de kerk liefhad en zijn leven voor haar gaf,
25 Maridos, amai vossa mulher, como também Cristo amou a igreja e a si mesmo se entregou por ela,
26 om haar heilig te maken door haar schoon te wassen met zijn Woord,
26 para que a santificasse, tendo-a purificado por meio da lavagem de água pela palavra,
27 teneinde haar als een stralende kerk voor zich te plaatsen, zonder smet, rimpel of iets dergelijks, maar zuiver en smetteloos.
27 para a apresentar a si mesmo igreja gloriosa, sem mácula, nem ruga, nem coisa semelhante, porém santa e sem defeito.
28 Op dezelfde manier moeten mannen hun vrouw liefhebben zoals ze hun eigen lichaam liefhebben, want wie zijn vrouw liefheeft, heeft zichzelf lief.
28 Assim também os maridos devem amar a sua mulher como ao próprio corpo. Quem ama a esposa a si mesmo se ama.
29 Niemand haat immers zijn eigen lichaam. Integendeel, hij voedt en koestert het, zoals Christus dat doet met de kerk,
29 Porque ninguém jamais odiou a própria carne; antes, a alimenta e dela cuida, como também Cristo o faz com a igreja;
30 omdat wij delen van zijn lichaam zijn.
30 porque somos membros do seu corpo.
31 Daarom zal een man zijn vader en moeder verlaten en zich aan zijn vrouw verbinden, zodat ze samen een nieuwe eenheid vormen. Ze zijn dus niet langer twee, maar één lichaam.
31 Eis por que deixará o homem a seu pai e a sua mãe e se unirá à sua mulher, e se tornarão os dois uma só carne.
32 Dit mysterie is groot; ik spreek over Christus en de kerk.
32 Grande é este mistério, mas eu me refiro a Cristo e à igreja.
33 Hoe dan ook, ieder van jullie moet zijn vrouw liefhebben zoals hij zichzelf liefheeft en de vrouw moet haar man respecteren.
33 Não obstante, vós, cada um de per si também ame a própria esposa como a si mesmo, e a esposa respeite ao marido.

Ler em outra tradução

Comparar com outra

Estude este capítulo no WhatsApp

Peça à IA da Bíblia Fala para explicar Efésios 5, comparar traduções ou montar um estudo — tudo direto pelo WhatsApp.