2 Coríntios 10

Dutch: Gods Boek (NLD_GBV) vs NAA

Sair da comparação
NAA Nova Almeida Atualizada 2017
1 Op grond van de zachtmoedigheid en welwillendheid van Christus heb ik – Paulus, die zogezegd timide ben in jullie gezelschap, maar een grote mond heb op afstand – het volgende verzoek voor jullie.
1 E eu mesmo, Paulo, peço a vocês, pela mansidão e bondade de Cristo — eu que, na verdade, quando estou com vocês, sou humilde, mas, quando ausente, sou ousado para com vocês —,
2 Wellicht zal ik, wanneer ik bij jullie kom, vrijmoedig en streng moeten optreden tegen sommigen, die van mening zijn dat wij handelen als zondige mensen. Ik wil jullie vragen dat dat niet nodig zal zijn.
2 sim, eu peço que não me obriguem a ser ousado, quando estiver com vocês, servindo-me daquela firmeza com que penso que devo tratar alguns que nos julgam como se andássemos segundo a carne.
3 Want hoewel wij mensen van vlees en bloed zijn, voeren we geen strijd met menselijke middelen.
3 Porque, embora andemos na carne, não lutamos segundo a carne.
4 De wapens waarmee wij strijden zijn niet menselijk, maar hebben de door God gegeven kracht om verdedigingswerken te vernietigen. Wij halen foute redeneringen onderuit, evenals
4 Porque as armas da nossa luta não são carnais, mas poderosas em Deus, para destruir fortalezas. Destruímos raciocínios falaciosos
5 alle barrières die tegen het kennen van God worden opgeworpen. Ook nemen we ieder idee gevangen en dwingen het tot gehoorzaamheid aan Christus.
5 e toda arrogância que se levanta contra o conhecimento de Deus, e levamos cativo todo pensamento à obediência de Cristo.
6 En wanneer jullie volkomen gehoorzaam geworden zijn, staan we gereed om alle andere vormen van ongehoorzaamheid te bestraffen.
6 E estaremos prontos para punir qualquer desobediência, quando a obediência de vocês estiver completa.
7 Zien jullie niet wat er gaande is? Als iemand ervan overtuigd is dat hij Christus toebehoort, laat hij dan bedenken dat ook wij Christus toebehoren, net als hij.
7 Observem o que está evidente. Se alguém confia em si que é de Cristo, pense outra vez consigo mesmo que, assim como ele é de Cristo, também nós o somos.
8 Dus zelfs als ik iets te veel poch over ons gezag – gezag dat de Heer ons heeft toevertrouwd om jullie op te bouwen, niet om jullie af te breken – dan zal ik niet worden beschaamd.
8 Porque, se eu me gloriar um pouco mais a respeito da nossa autoridade, a qual o Senhor nos conferiu para edificação e não para destruição de vocês, não me envergonharei.
9 Ik wil niet de indruk wekken dat ik jullie met mijn brieven schrik wil aanjagen.
9 Não quero que pareça ser meu objetivo intimidar vocês por meio de cartas.
10 Er wordt namelijk gezegd: “Zijn brieven zijn wel gewichtig en streng, maar zijn persoonlijk optreden is zwak en zijn spreken is beneden peil.”
10 Alguns dizem: “As cartas são graves e fortes, mas a presença pessoal dele é fraca e a sua palavra é desprezível.”
11 Wie zoiets zegt, dient te beseffen dat wanneer we binnenkort bij jullie zijn, we zullen optreden op dezelfde manier als we nu schrijven vanop afstand.
11 Que tal pessoa leve em conta o seguinte: o que somos na palavra por cartas, estando ausentes, seremos também em ações, quando presentes.
12 Wij durven onszelf niet gelijk te stellen aan bepaalde mensen die zichzelf aanbevelen. We willen ons ook niet met hen vergelijken. Als zij zichzelf als maatstaf nemen en zich dus met zichzelf vergelijken, hebben ze geen inzicht.
12 Porque não ousamos nos classificar ou comparar com alguns que louvam a si mesmos. Mas eles, medindo-se consigo mesmos e comparando-se consigo mesmos, revelam falta de entendimento.
13 Wij zullen echter niet te veel pochen, maar ons beperken tot het werkgebied dat God ons heeft toebedeeld – en jullie maken daarvan deel uit.
13 Nós, porém, não nos gloriaremos além da medida, mas respeitamos o limite da esfera de ação que Deus nos demarcou e que se estende até vocês.
14 Wij gaan onze grenzen niet te buiten. Dat zou wel het geval zijn geweest als we jullie niet hadden bereikt. Maar wij waren als eersten bij jullie met het evangelie van Christus.
14 Porque não ultrapassamos os nossos limites como se não devêssemos chegar até vocês, pois já chegamos até vocês com o evangelho de Cristo.
15 Wij gaan niet te ver: wij proberen niet de eer op te strijken van andermans werk. Maar wij hopen dat wanneer jullie geloof toeneemt, ons werk bij jullie nog verder zal groeien.
15 Não nos gloriamos além da medida no trabalho que outros fizeram, mas temos a esperança de que, à medida que cresce a fé que vocês têm, seremos cada vez mais engrandecidos entre vocês, dentro da nossa esfera de ação,
16 Dan zullen wij het evangelie ook verkondigen in verder gelegen gebieden, zonder de eer op te strijken voor hetgeen bereikt is in het werkgebied van een ander.
16 a fim de anunciar o evangelho para além das fronteiras em que vocês se encontram, sem com isto nos gloriarmos de coisas já realizadas na esfera de ação de outros.
17 Immers: “Als iemand ergens fier op wil zijn, laat hij dan fier zijn op de Heer.”
17 Aquele, porém, que se gloria, glorie-se no Senhor.
18 Want niet wie zichzelf aanbeveelt heeft de proef doorstaan, maar wie door de Heer wordt aanbevolen.
18 Porque não é aprovado quem recomenda a si mesmo, e sim aquele que o Senhor recomenda.

Ler em outra tradução

Comparar com outra

Estude este capítulo no WhatsApp

Peça à IA da Bíblia Fala para explicar 2 Coríntios 10, comparar traduções ou montar um estudo — tudo direto pelo WhatsApp.