Deuteronômio 6

Dutch (DUTCH) vs NTLH

Sair da comparação
NTLH Nova Tradução na Linguagem de Hoje 2000
1 Dit zijn dan de geboden, de inzettingen en de rechten, die de HEERE, uw God, geboden heeft om u te leren; opdat gij ze doet in het land, naar hetwelk gij heentrekt, om dat erfelijk te bezitten;
1 Moisés disse ao povo: — São esses os mandamentos e as
2 Opdat gij den HEERE, uw God, vrezet, om te houden al Zijn inzettingen, en Zijn geboden, die ik u gebiede; gij, en uw kind, en kindskind, al de dagen uws levens; en opdat uw dagen verlengd worden.
2 Temam o Senhor , nosso Deus, vocês, os seus filhos e os seus netos, e cumpram sempre todos os mandamentos e leis que eu lhes estou dando e assim vocês viverão muitos anos.
3 Hoor dan, Israel! en neem waar, dat gij ze doet, opdat het u welga, en opdat gij zeer vermenigvuldigdet (gelijk als u de HEERE, uwer vaderen God, gesproken heeft) in het land, dat van melk en honig is vloeiende.
3 Povo de Israel, tenha o cuidado de cumprir a lei de Deus. Então, conforme disse o Senhor , o Deus dos nossos antepassados, tudo correrá bem para vocês, e vocês se tornarão numerosos naquela terra boa e rica onde vão viver.
4 Hoor, Israel! de HEERE, onze God, is een enig HEERE!
4 — Escute, povo de Israel! O Senhor , e somente o Senhor , é o nosso Deus.
5 Zo zult gij den HEERE, uw God, liefhebben, met uw ganse hart, en met uw ganse ziel, en met al uw vermogen.
5 Portanto, amem o Senhor , nosso Deus, com todo o coração, com toda a alma e com todas as forças.
6 En deze woorden, die ik u heden gebiede, zullen in uw hart zijn.
6 Guardem sempre no coração as leis que eu lhes estou dando hoje
7 En gij zult ze uw kinderen inscherpen, en daarvan spreken, als gij in uw huis zit, en als gij op den weg gaat, en als gij nederligt, en als gij opstaat.
7 e não deixem de ensiná-las aos seus filhos. Repitam essas leis em casa e fora de casa, quando se deitarem e quando se levantarem.
8 Ook zult gij ze tot een teken binden op uw hand, en zij zullen u tot voorhoofdspanselen zijn tussen uw ogen.
8 Amarrem essas leis nos braços e na testa, para não as esquecerem;
9 En gij zult ze op de posten van uw huis, en aan uw poorten schrijven.
9 e as escrevam nos batentes das portas das suas casas e nos seus portões.
10 Als het dan zal geschied zijn, dat de HEERE, uw God, u zal hebben ingebracht in dat land, dat Hij uw vaderen, Abraham, Izak en Jakob, gezworen heeft, u te zullen geven; grote en goede steden, die gij niet gebouwd hebt,
10 Moisés continuou: — O
11 En huizen, vol van alle goeds, die gij niet gevuld hebt, en uitgehouwen bornputten, die gij niet uitgehouwen hebt, wijngaarden en olijfgaarden, die gij niet geplant hebt, en gij gegeten hebt en verzadigd zijt;
11 há casas cheias de objetos de valor, que vocês não ajuntaram; poços de água, que vocês não cavaram; e plantações de uvas e de azeitonas, que vocês não plantaram. Quando o Senhor os levar para essa terra, e vocês tiverem comida à vontade,
12 Zo wacht u, dat gij den HEERE niet vergeet, Die u uit Egypteland, uit het diensthuis heeft uitgevoerd.
12 tenham o cuidado de não esquecerem Deus, que os tirou do Egito, onde vocês eram escravos.
13 Gij zult den HEERE, uw God, vrezen, en Hem dienen; en gij zult bij Zijn Naam zweren.
13 Temam o Senhor , seu Deus, sirvam somente a ele e jurem só pelo nome dele.
14 Gij zult andere goden niet navolgen, van de goden der volken, die rondom u zijn.
14 Não adorem outros deuses, os deuses dos povos vizinhos.
15 Want de HEERE, uw God is een ijverig God in het midden van u; dat de toorn des HEEREN, uws Gods, tegen u niet ontsteke, en Hij u van den aardbodem verdelge.
15 Pois o Senhor , nosso Deus, está com vocês e ele não tolera outros deuses. Se vocês os adorarem, o Senhor ficará irado com vocês e destruirá vocês completamente.
16 Gij zult den HEERE, uw God, niet verzoeken, gelijk als gij Hem verzocht hebt te Massa.
16 — Não ponham à prova o Senhor , seu Deus, como o puseram à prova em Massá.
17 Gij zult de geboden des HEEREN, uws Gods, vlijtig houden, mitsgaders Zijn getuigenissen, en Zijn inzettingen, die Hij u geboden heeft.
17 Obedeçam cuidadosamente a todos os mandamentos e leis que ele lhes deu.
18 En gij zult doen, wat recht en goed is in de ogen des HEEREN; opdat het u welga, en dat gij inkomt, en erft het goede land, dat de HEERE uw vaderen gezworen heeft;
18 Façam aquilo que Deus acha bom e certo, e assim tudo correrá bem para vocês, e vocês entrarão e tomarão posse da boa terra que o Senhor jurou dar aos nossos antepassados.
19 Om al uw vijanden voor uw aangezicht te verdrijven, gelijk als de HEERE gesproken heeft.
19 E, conforme prometeu, ele expulsará todos os inimigos que vocês enfrentarem.
20 Wanneer uw zoon u morgen zal vragen, zeggende: Wat zijn dat voor getuigenissen, en inzettingen, en rechten, die de HEERE, onze God, ulieden geboden heeft?
20 — No futuro os seus filhos perguntarão: “Por que foi que o Senhor , nosso Deus, nos deu estes mandamentos e estas leis?”
21 Zo zult gij tot uw zoon zeggen: Wij waren dienstknechten van Farao in Egypte; maar de HEERE heeft ons door een sterke hand uit Egypte uitgevoerd.
21 Aí vocês responderão: “Nós éramos escravos do rei do Egito, mas o Senhor , com o seu grande poder, nos tirou de lá.
22 En de HEERE gaf tekenen, en grote en kwade wonderen, in Egypte, aan Farao en aan zijn ganse huis, voor onze ogen;
22 Nós vimos com os nossos próprios olhos os grandes milagres e as coisas espantosas que Deus fez contra os egípcios e contra o seu rei e toda a gente do seu palácio.
23 En hij voerde ons van daar uit, opdat Hij ons inbracht, om ons het land te geven, dat Hij onzen vaderen gezworen had.
23 E Deus nos tirou do Egito para nos trazer aqui e nos dar esta terra, como havia jurado aos nossos antepassados.
24 En de HEERE gebood ons te doen al deze inzettingen, om te vrezen den HEERE, onzen God, ons voor altoos ten goede, om ons in het leven te behouden, gelijk het te dezen dage is.
24 Ele nos mandou obedecer a todas estas leis e sempre temer o Senhor , nosso Deus. Se fizermos isso, ele nos guardará de todo mal, como tem feito até hoje, e tudo sempre correrá bem para nós.
25 En het zal ons gerechtigheid zijn, als wij zullen waarnemen te doen al deze geboden, voor het aangezicht des HEEREN, onzes Gods, gelijk Hij ons geboden heeft.
25 E, se tivermos o cuidado de obedecer a todas estas leis que o Senhor , nosso Deus, nos deu, a nossa vida agradará a ele.”

Ler em outra tradução

Comparar com outra

Estude este capítulo no WhatsApp

Peça à IA da Bíblia Fala para explicar Deuteronômio 6, comparar traduções ou montar um estudo — tudo direto pelo WhatsApp.