Apocalipse 17
vlsJoNT: Het Nieuwe Testament by Nicolaas De Jonge (SM_VLSJONT) vs BKJ
BKJ BKJ
1 En er kwam een uit de zeven engelen, die de zeven schalen hadden, en hij sprak met mij zeggende: kom hier, ik zal u het oordeel doen zien van de groote hoere, die gezeten is op de vele wateren;
1 E veio um dos sete anjos que tinham as sete taças, e falou comigo, dizendo-me: Vem aqui, mostrar-te-ei o juízo da grande prostituta que está assentada sobre as muitas águas;
2 met wie de koningen der aarde hoererij bedreven hebben, en zij die de aarde bewonen zijn dronken geworden van den wijn harer hoererij.
2 com a qual os reis da terra cometeram fornicação; e os habitantes da terra foram embebedados com o vinho da sua fornicação.
3 En hij voerde mij weg in den geest naar een woestijn. En ik zag een vrouw zitten op een scharlaken rood beest, dat vol was van lasterlijke namen, en dat zeven koppen en tien hoornen had.
3 Assim, ele levou-me em espírito para o deserto, e eu vi uma mulher assentada sobre uma besta de cor escarlate, cheia de nomes de blasfêmia, tendo sete cabeças e dez chifres.
4 En de vrouw was bekleed met purper en scharlaken, en versierd met goud en met kostelijk gesteente en met paarlen; en zij had in haar hand een drinkbeker van goud, die vol was van gruwelen en van de onzuiverheid harer hoererij;
4 E a mulher estava vestida de púrpura e escarlate, e adornada com ouro, e pedras preciosas e pérolas; tendo um cálice de ouro em sua mão, cheio das abominações e imundícias da sua fornicação.
5 en op haar voorhoofd had zij een naam geschreven: Verborgenheid, Babylon de groote, de moeder der hoererijen en der gruwelen der aarde.
5 E sobre sua testa havia um nome escrito: Mistério, Babilônia a Grande, a Mãe das Prostitutas e Abominações da Terra.
6 En ik zag dat de vrouw dronken was van het bloed der heiligen en van het bloed der getuigen van Jezus. En als ik haar zag, stond ik verwonderd met groote verwondering.
6 E eu vi a mulher embriagada com o sangue dos santos, e com o sangue dos mártires de Jesus; e, eu vendo-a, maravilhei-me com grande admiração.
7 En de engel zeide tot mij: waarom staat gij verwonderd? Ik zal u de geheimenis zeggen van de vrouw en van het beest dat haar draagt, dat de zeven koppen en de tien hoornen heeft.
7 E o anjo me disse: Por causa disso te maravilhaste? Dir-te-ei o mistério da mulher, e da besta que a leva, a qual tem sete cabeças e dez chifres.
8 Het beest, dat gij gezien hebt, was en is niet; en het zal opkomen uit den afgrond en ten verderve gaan, en degenen die op de aarde wonen, wier namen niet geschreven zijn op het boek des levens van de grondlegging der wereld, — die zullen verwonderd staan, als zij het beest zien, hoe het was en niet is en zal zijn.
8 A besta que viste, era, e não é, e subirá do abismo sem fundo, e irá à perdição; e aqueles que habitam na terra hão de se maravilhar, cujos nomes não foram inscritos no livro da vida, desde a fundação do mundo, quando eles contemplarem a besta que era, e já não é, ainda que agora seja.
9 Hier is de zin die wijsheid heeft: de zeven koppen zijn zeven bergen, waarop de vrouw gezeten is.
9 E aqui está a mente que tem sabedoria. As sete cabeças são sete montanhas, sobre as quais a mulher está assentada.
10 En zij zijn zeven koningen; de vijf zijn gevallen, de een is, de ander is nog niet gekomen; en als hij zal gekomen zijn dan moet hij een korten tijd blijven.
10 E há sete reis; cinco caíram, e um é; e o outro ainda não é vindo; e quando vier, deverá continuar por um curto espaço de tempo.
11 En het beest dat was en niet is, is ook zelf een achtste koning, en hij is uit de zeven en hij gaat ten verderve.
11 E a besta que era, e não é mais, mesmo sendo o oitavo, e é dos sete, e vai à perdição.
12 En de tien hoornen die gij gezien hebt zijn tien koningen, die het koninkrijk nog niet ontvangen hebben, maar de heerschappij als koningen zullen zij voor één ure ontvangen met het beest.
12 E os dez chifres que tu viste são dez reis, que não receberam reino algum ainda, mas recebem poder como reis por uma hora com a besta.
13 Dezen hebben één zelfde voornemen, en hun macht en hun heerschappij zullen zij geven aan het beest.
13 Estes têm uma só mente, e darão o seu poder e força à besta.
14 Dezen zullen strijden tegen het Lam, en het Lam zal hen overwinnen, want Heere van heeren is Hij en Koning van koningen, en degenen die met Hem zijn, geroepenen en uitverkorenen en geloovigen, zullen ook overwinnen.
14 Estes guerrearão contra o Cordeiro, e o Cordeiro os vencerá; porque ele é o Senhor dos senhores e o Rei dos reis; e os que estão com ele são chamados, e escolhidos, e fiéis.
15 En de engel zeide tot mij: de wateren die gij ziet, waar de hoere gezeten is, zijn volken, en scharen, en natiën, en tongen.
15 E ele disse-me: As águas que tu viste, onde a prostituta se assenta, são povos, e multidões, e nações, e línguas.
16 En de tien hoornen die gij gezien hebt en het beest, die zullen de hoere haten, en zullen haar woest maken en naakt, en zij zullen haar vleesch eten, en haar met vuur verbranden.
16 E os dez chifres que tu viste sobre a besta; estes odiarão a prostituta, e a deixarão assolada e nua, e comerão sua carne, e a queimarão com fogo.
17 Want God heeft in hun harten gegeven om zijn voornemen te doen, en om één zelfde voornemen te doen, en om hun koninkrijk aan het beest te geven, totdat de woorden Gods zullen vervuld zijn.
17 Porque Deus tem posto em seus corações que cumpram a sua vontade, e concordar, e dar seu reino à besta, até que as palavras de Deus sejam cumpridas.
18 En de vrouw die gij gezien hebt is de groote stad die de regeering heeft over de koningen der aarde.
18 E a mulher que tu viste é a grande cidade que reina sobre os reis da terra.
Atalhos do teclado
- Capítulo anterior←
- Próximo capítulo→
- Versículo anteriork
- Próximo versículoj
- Limpar seleçãoEsc
- Esta ajuda?
Estude este capítulo no WhatsApp
Peça à IA da Bíblia Fala para explicar Apocalipse 17, comparar traduções ou montar um estudo — tudo direto pelo WhatsApp.