João 3

Dutch: Gods Boek (NLD_GBV) vs NAA

Sair da comparação
NAA Nova Almeida Atualizada 2017
1 Een van de Joodse leiders was een man die Nikodemus heette, een farizeeër.
1 Havia entre os fariseus um homem chamado Nicodemos, um dos principais dos judeus.
2 Op een nacht ging hij naar Jezus toe en zei: “Rabbi, wij weten dat U een leraar bent die van God komt, want niemand kan de wonderlijke tekenen verrichten die U verricht, tenzij met Gods hulp.”
2 Este, de noite, foi até Jesus e lhe disse: — Rabi, sabemos que o senhor é Mestre vindo da parte de Deus, porque ninguém pode fazer estes sinais que o senhor faz, se Deus não estiver com ele.
3 Jezus antwoordde: “Ik zeg je nadrukkelijk, niemand kan Gods koninkrijk zien, tenzij hij opnieuw wordt geboren.”
3 Jesus respondeu:
4 Nikodemus vroeg Hem: “Hoe kan een mens geboren worden als hij reeds volwassen is? Hij kan toch niet in de schoot van zijn moeder terugkeren en een tweede keer geboren worden?”
4 Nicodemos perguntou: — Como pode um homem nascer, sendo velho? Será que pode voltar ao ventre materno e nascer uma segunda vez?
5 Jezus antwoordde: “Ik zeg je nadrukkelijk, niemand kan Gods koninkrijk binnengaan, tenzij hij wordt geboren uit water en door de Geest.
5 Jesus respondeu:
6 Het menselijk lichaam wordt geboren uit de mens, maar het geestelijke wordt geboren door het werk van Gods Geest.
6 O que é nascido da carne é carne, e o que é nascido do Espírito é espírito.
7 Wees niet verbaasd dat Ik tegen je heb gezegd dat je opnieuw geboren moet worden.
7 Não fique admirado por eu dizer: “Vocês precisam nascer de novo.”
8 De wind waait waar hij naartoe wil en je kan zijn geluid horen, maar je weet niet waar hij vandaan komt en waar hij naartoe gaat. Zo is het ook met iedereen die door het werk van de Geest is geboren.”
8 O vento sopra onde quer, você ouve o barulho que ele faz, mas não sabe de onde ele vem, nem para onde vai; assim é todo o que é nascido do Espírito.
9 Nikodemus vroeg Hem: “Hoe kan dat?”
9 Então Nicodemos perguntou: — Como pode ser isso? Jesus respondeu:
10 Jezus antwoordde: “Jij bent het die Israël onderwijst en jij begrijpt dit niet?
10 — Você é mestre em Israel e não compreende estas coisas?
11 Ik zeg je nadrukkelijk, wij spreken over wat wij weten, en wij getuigen van wat wij hebben gezien. En toch aanvaarden jullie onze getuigenis niet.
11 Em verdade, em verdade lhe digo que nós falamos do que sabemos e damos testemunho do que vimos, mas vocês não aceitam o nosso testemunho.
12 Als jullie Mij niet geloven wanneer ik over aardse zaken spreek, hoe zullen jullie Mij dan geloven wanneer ik over hemelse zaken spreek?
12 Se vocês não creem quando falo sobre coisas terrenas, como crerão se eu lhes falar sobre as celestiais?
13 Er is nog nooit iemand naar de hemel gegaan; alleen Hij die uit de hemel is gekomen, de Mensenzoon, is er geweest.
13 Ora, ninguém subiu ao céu, a não ser aquele que de lá desceu, o Filho do Homem.
14 En zoals Mozes in de wildernis de slang omhooghief, zo moet de Mensenzoon worden omhooggeheven,
14 — E assim como Moisés levantou a serpente no deserto, assim também é necessário que o Filho do Homem seja levantado,
15 opdat ieder die in Hem gelooft het eeuwig leven zal hebben.
15 para que todo o que nele crê tenha a vida eterna.
16 Zo had God de wereld lief: door zijn enige Zoon te geven, opdat ieder die in Hem gelooft het eeuwig leven zou hebben en niet verloren zou gaan.
16 Porque Deus amou o mundo de tal maneira que deu o seu Filho unigênito, para que todo o que nele crê não pereça, mas tenha a vida eterna.
17 God heeft de Zoon niet naar de wereld gezonden om de wereld te veroordelen, maar om de wereld te redden.
17 Porque Deus enviou o seu Filho ao mundo, não para que condenasse o mundo, mas para que o mundo fosse salvo por ele.
18 Wie in Hem gelooft, wordt niet veroordeeld, maar wie niet gelooft, is reeds veroordeeld omdat hij niet zijn vertrouwen op Gods enige Zoon heeft gesteld.
18 Quem nele crê não é condenado; mas o que não crê já está condenado, porque não crê no nome do unigênito Filho de Deus.
19 Het zit zo met het Oordeel: het licht is naar de wereld gekomen, maar de mensen hielden meer van het duister dan van het licht, want hun daden waren slecht.
19 A condenação é esta: a luz veio ao mundo, mas os homens amaram mais as trevas do que a luz, porque as suas obras eram más.
20 Ieder die kwaad doet, haat het licht; hij weigert naar het licht toe te komen, omdat zijn daden dan worden onthuld.
20 Pois todo aquele que pratica o mal detesta a luz e não se aproxima da luz, para que as suas obras não sejam reprovadas.
21 Maar wie oprecht leeft, komt naar het licht toe, zodat zal blijken dat hij zijn daden heeft verricht uit gehoorzaamheid aan God.”
21 Quem pratica a verdade se aproxima da luz, para que as suas obras sejam manifestas, porque são feitas em Deus.
22 Later ging Jezus met zijn leerlingen naar het gebied Judea. Hij verbleef daar enige tijd en doopte.
22 Depois disso, Jesus foi com os seus discípulos para a terra da Judeia; ali permaneceu com eles e batizava.
23 Ook Johannes doopte, in Enon, dicht bij Salim. Daar was veel water en de mensen kwamen ernaartoe om te worden gedoopt.
23 Ora, João também estava batizando em Enom, perto de Salim, porque ali havia muitas águas, e o povo se dirigia para lá e era batizado.
24 Johannes was toen nog niet gevangengezet.
24 Pois João ainda não havia sido preso.
25 Enkele leerlingen van Johannes kregen onenigheid met een Joodse leider over het Joodse reinigingsritueel.
25 Então surgiu uma discussão entre os discípulos de João e um judeu a respeito da purificação.
26 Ze gingen naar Johannes toe en vroegen hem: “Rabbi, de Man die bij u was aan de overkant van de Jordaan, die u heeft aangeduid, Hij is aan het dopen en de mensen gaan allemaal naar Hem toe.”
26 E foram até João e lhe disseram: — Mestre, aquele que estava com o senhor no outro lado do Jordão, do qual o senhor deu testemunho, está batizando, e todos vão até ele.
27 Johannes antwoordde: “Een mens kan enkel ontvangen wat hem vanuit de hemel wordt geschonken.
27 João respondeu: — Ninguém pode receber coisa alguma se não lhe for dada do céu.
28 Jullie zijn er zelf getuige van dat ik heb gezegd: ‘Ik ben de Messias niet, maar ik ben voor Hem uitgestuurd.’
28 Vocês mesmos são testemunhas de que eu disse: “Eu não sou o Cristo, mas fui enviado como o seu precursor.”
29 Wie de bruid krijgt, is de bruidegom, maar de beste vriend van de bruidegom staat naar de bruidegom te luisteren en verheugt zich wanneer hij de stem van de bruidegom hoort. Dat geldt ook voor mij: ik ben vervuld met vreugde.
29 O que tem a noiva é o noivo; o amigo do noivo que está presente e o escuta se alegra muito por causa da voz do noivo. Pois essa alegria já se cumpriu em mim.
30 Hij moet meer aanzien krijgen, en ik minder.”
30 Convém que ele cresça e que eu diminua.
31 Hij die van boven komt, staat boven allen; wie uit de aarde voortkomt, is aards en spreekt op aardse wijze. Hij die uit de hemel komt en boven alles staat,
31 Quem vem das alturas certamente está acima de todos; quem vem da terra é terreno e fala da terra. Quem veio do céu está acima de todos
32 getuigt van hetgeen Hij heeft gezien en gehoord, en niemand aanvaardt zijn getuigenis.
32 e dá testemunho daquilo que viu e ouviu, mas ninguém aceita o seu testemunho.
33 Maar wie zijn getuigenis wel aanvaardt, bevestigt zo dat God betrouwbaar is.
33 Quem, porém, aceita o testemunho que ele dá certifica que Deus é verdadeiro.
34 Hij die door God gezonden is, spreekt de woorden van God, want God schenkt de Geest zonder enige beperking.
34 Pois aquele que Deus enviou fala as palavras de Deus, porque Deus não dá o Espírito por medida.
35 De Vader heeft de Zoon lief en heeft Hem alle macht gegeven.
35 O Pai ama o Filho e entregou todas as coisas nas mãos dele.
36 Wie in de Zoon gelooft, heeft het eeuwig leven. Wie daarentegen weigert de Zoon te gehoorzamen, zal het leven niet ervaren, maar Gods straf ondervinden.
36 Por isso, quem crê no Filho tem a vida eterna; quem se mantém rebelde contra o Filho não verá a vida, mas sobre ele permanece a ira de Deus.

Ler em outra tradução

Comparar com outra

Estude este capítulo no WhatsApp

Peça à IA da Bíblia Fala para explicar João 3, comparar traduções ou montar um estudo — tudo direto pelo WhatsApp.