Filipenses 2

Dutch: Gods Boek (NLD_GBV) vs ARC

Sair da comparação
ARC Almeida Revista e Corrigida 2009
1 Als jullie dus enige bemoediging vinden in Christus, enige troost in zijn liefde, enige verbondenheid in de Geest, of enige genegenheid of mededogen,
1 Portanto, se há algum conforto em Cristo, se alguma consolação de amor, se alguma comunhão no Espírito, se alguns entranháveis afetos e compaixões,
2 maak mijn vreugde dan compleet door gelijkgezind te zijn, één in liefdebetoon, één van ziel en denken,
2 completai o meu gozo, para que sintais o mesmo, tendo o mesmo amor, o mesmo ânimo, sentindo uma mesma coisa.
3 en door niets te doen uit geldingsdrang of verwaandheid. Wees daarentegen bescheiden: beschouw de ander als belangrijker dan jezelf,
3 Nada façais por contenda ou por vanglória, mas por humildade; cada um considere os outros superiores a si mesmo.
4 en let niet op je eigen belang maar op dat van de anderen.
4 Não atente cada um para o que é propriamente seu, mas cada qual também para o que é dos outros.
5 Neem ten opzichte van elkaar dezelfde houding aan als Christus Jezus.
5 De sorte que haja em vós o mesmo sentimento que houve também em Cristo Jesus,
6 Hoewel Hij de hoedanigheid van God bezat, maakte Hij geen aanspraak op zijn gelijkheid aan God,
6 que, sendo em forma de Deus, não teve por usurpação ser igual a Deus.
7 maar Hij deed er afstand van en nam de hoedanigheid van een slaaf aan door als mens geboren te worden. En toen Hij als mens was verschenen,
7 Mas aniquilou-se a si mesmo, tomando a forma de servo, fazendo-se semelhante aos homens;
8 verlaagde Hij zichzelf door gehoorzaam te zijn tot de dood – tot de dood aan een kruis.
8 e, achado na forma de homem, humilhou-se a si mesmo, sendo obediente até à morte e morte de cruz.
9 Daarom heeft God Hem hoog verheven en Hem een naam geschonken die alle andere namen overstijgt.
9 Pelo que também Deus o exaltou soberanamente e lhe deu um nome que é sobre todo o nome,
10 Daarom zal elke knie in de hemel, op aarde en onder de aarde buigen voor Jezus,
10 para que ao nome de Jesus se dobre todo joelho dos que estão nos céus, e na terra, e debaixo da terra,
11 en zal elke tong belijden dat Jezus Christus Heer is, tot eer van God de Vader.
11 e toda língua confesse que Jesus Cristo é o Senhor, para glória de Deus Pai.
12 Beste vrienden, jullie hebben mij altijd gehoorzaamd. Nu ik niet bij jullie ben, vraag ik dat jullie met het grootste ontzag voor God jullie redding in praktijk brengen, nog meer dan toen ik nog bij jullie was.
12 De sorte que, meus amados, assim como sempre obedecestes, não só na minha presença, mas muito mais agora na minha ausência, assim também operai a vossa salvação com temor e tremor;
13 Het is namelijk God die jullie de wil en de kracht geeft om te doen wat Hem vreugde geeft.
13 porque Deus é o que opera em vós tanto o querer como o efetuar, segundo a sua boa vontade.
14 Doe alles zonder klagen of tegensputteren.
14 Fazei todas as coisas sem murmurações nem contendas;
15 Dan zijn jullie zuiver en onschuldig, smetteloze kinderen van God te midden van de verdorven en corrupte mensen van nu. Dan zijn jullie voor hen als sterren aan de hemel.
15 para que sejais irrepreensíveis e sinceros, filhos de Deus inculpáveis no meio duma geração corrompida e perversa, entre a qual resplandeceis como astros no mundo;
16 Als jullie goed naar de boodschap van het Leven blijven luisteren, zal ik op de Dag van Christus iets hebben waarop ik fier kan zijn, omdat ik me niet voor niets heb ingespannen en niet tevergeefs heb gezwoegd.
16 retendo a palavra da vida, para que, no Dia de Cristo, possa gloriar-me de não ter corrido nem trabalhado em vão.
17 Maar zelfs als mijn bloed zou vloeien en ik samen met jullie geloof als een offer aan God zou worden aangeboden, dan zal ik blij zijn en me samen met jullie verheugen.
17 E, ainda que seja oferecido por libação sobre o sacrifício e serviço da vossa fé, folgo e me regozijo com todos vós.
18 Ook jullie mogen dan blij zijn en je samen met mij verheugen.
18 E vós também regozijai-vos e alegrai-vos comigo por isto mesmo.
19 Ik verwacht dat de Heer Jezus mij binnenkort in de gelegenheid zal stellen, Timoteüs naar jullie toe te sturen, zodat ook ik mag worden bemoedigd wanneer ik te weten kom hoe het met jullie gaat.
19 E espero, no Senhor Jesus, que em breve vos mandarei Timóteo, para que também eu esteja de bom ânimo, sabendo dos vossos negócios.
20 Ik heb namelijk geen enkele medewerker die zo met jullie meeleeft en zich zo oprecht om jullie bekommert als hij.
20 Porque a ninguém tenho de igual sentimento, que sinceramente cuide do vosso estado;
21 Alle anderen streven hun eigen belangen na, niet die van Jezus Christus.
21 porque todos buscam o que é seu e não o que é de Cristo Jesus.
22 Maar jullie weten dat Timoteüs zijn waarde heeft bewezen en mij heeft bijgestaan in de verspreiding van het evangelie, zoals een zoon zijn vader bijstaat.
22 Mas bem sabeis qual a sua experiência, e que serviu comigo no evangelho, como filho ao pai.
23 Daarom hoop ik hem te sturen zodra ik zie wat er met mij gaat gebeuren.
23 De sorte que espero enviá-lo a vós logo que tenha provido a meus negócios.
24 Ik vertrouw er echter op dat de Heer mij in de gelegenheid zal stellen, binnenkort zelf te komen.
24 Mas confio no Senhor que também eu mesmo, em breve, irei ter convosco.
25 Maar ik vind het nodig om Epafroditus naar jullie terug te sturen – mijn broeder, collega en strijdmakker, die door jullie was gezonden om mij te verzorgen toen ik dat nodig had.
25 Julguei, contudo, necessário mandar-vos Epafrodito, meu irmão, e cooperador, e companheiro nos combates, e vosso enviado para prover às minhas necessidades;
26 Hij heeft namelijk heimwee naar jullie allen en maakt zich grote zorgen, omdat jullie hebben gehoord dat hij ziek was.
26 porquanto tinha muitas saudades de vós todos e estava muito angustiado de que tivésseis ouvido que ele estivera doente.
27 Hij is inderdaad ziek geweest, op het randje van de dood. God had echter mededogen met hem. (En niet alleen met hem maar ook met mij – Hij wilde niet dat ik nog meer verdriet zou hebben.)
27 E, de fato, esteve doente e quase à morte, mas Deus se apiedou dele e não somente dele, mas também de mim, para que eu não tivesse tristeza sobre tristeza.
28 Daarom wil ik hem zo graag sturen. Wanneer jullie hem weer zien, zullen jullie je kunnen verheugen en kan ik opgelucht zijn.
28 Por isso, vo-lo enviei mais depressa, para que, vendo-o outra vez, vos regozijeis, e eu tenha menos tristeza.
29 Verwelkom hem dus vol vreugde, als iemand die bij de Heer hoort, en houd mensen als hij in aanzien,
29 Recebei-o, pois, no Senhor, com todo o gozo, e tende-o em honra:
30 want hij is de dood nabij gekomen door zijn werk voor Christus. Hij zette zijn leven op het spel om mij de hulp te bieden die jullie mij niet konden geven.
30 porque, pela obra de Cristo, chegou até bem próximo da morte, não fazendo caso da vida, para suprir para comigo a falta do vosso serviço.

Ler em outra tradução

Comparar com outra

Estude este capítulo no WhatsApp

Peça à IA da Bíblia Fala para explicar Filipenses 2, comparar traduções ou montar um estudo — tudo direto pelo WhatsApp.