Atos 24

Dutch: Gods Boek (NLD_GBV) vs ARA

Sair da comparação
ARA Almeida Revista e Atualizada 1993
1 Na vijf dagen kwam hogepriester Ananias aan, met enkele oudsten en een advocaat die Tertullus heette. Zij dienden hun aanklacht tegen Paulus in bij de gouverneur.
1 Cinco dias depois, desceu o sumo sacerdote, Ananias, com alguns anciãos e com certo orador, chamado Tértulo, os quais apresentaram ao governador libelo contra Paulo.
2 Paulus werd binnengeroepen en Tertullus begon zijn beschuldigingsrede. Hij zei: “Dat wij dankzij u volop van vrede genieten en dat uw vooruitziendheid hervormingen oplevert ten bate van ons volk,
2 Sendo este chamado, passou Tértulo a acusá-lo, dizendo: Excelentíssimo Félix, tendo nós, por teu intermédio, gozado de paz perene, e, também por teu providente cuidado, se terem feito notáveis reformas em benefício deste povo,
3 excellentie Felix, wordt door ons altijd en overal met diepe dankbaarheid erkend.
3 sempre e por toda parte, isto reconhecemos com toda a gratidão.
4 Om u niet te lang op te houden, verzoek ik u ons in uw welwillendheid kort aan te horen.
4 Entretanto, para não te deter por longo tempo, rogo-te que, de conformidade com a tua clemência, nos atendas por um pouco.
5 Wij hebben namelijk ontdekt dat deze man een ruziemaker is die rellen veroorzaakt onder alle Joodse mensen in het hele rijk. Hij is een van de hoofdleiders van de volgelingen van de Man van Nazaret.
5 Porque, tendo nós verificado que este homem é uma peste e promove sedições entre os judeus esparsos por todo o mundo, sendo também o principal agitador da seita dos nazarenos,
6 Hij heeft zelfs geprobeerd, de tempel te ontwijden en daarom hebben wij hem opgepakt.
6 o qual também tentou profanar o templo, nós o prendemos [com o intuito de julgá-lo segundo a nossa lei.
7 — ausente —
7 Mas, sobrevindo o comandante Lísias, o arrebatou das nossas mãos com grande violência,
8 Als u hem zelf verhoort, zal u alles te weten komen waarvan wij hem beschuldigen.”
8 ordenando que os seus acusadores viessem à tua presença]. Tu mesmo, examinando-o, poderás tomar conhecimento de todas as coisas de que nós o acusamos.
9 De Joodse mensen vielen hem bij door te zeggen dat het waar was.
9 Os judeus também concordaram na acusação, afirmando que estas coisas eram assim.
10 Maar toen de gouverneur aangaf dat Paulus mocht spreken, antwoordde deze: “Ik weet dat u al vele jaren rechter voor dit volk bent. Daarom zal ik mijzelf vol goede moed in deze zaak verdedigen.
10 Paulo, tendo-lhe o governador feito sinal que falasse, respondeu: Sabendo que há muitos anos és juiz desta nação, sinto-me à vontade para me defender,
11 Zoals u kan controleren, ben ik pas twaalf dagen geleden naar Jeruzalem gekomen om God te aanbidden.
11 visto poderes verificar que não há mais de doze dias desde que subi a Jerusalém para adorar;
12 Niemand heeft mij op het tempelterrein met mensen zien discussiëren of een oploop zien veroorzaken, ook niet in de synagogen of in de stad.
12 e que não me acharam no templo discutindo com alguém, nem tampouco amotinando o povo, fosse nas sinagogas ou na cidade;
13 Verder kunnen ze de dingen waarvan zij mij beschuldigen, niet bewijzen.
13 nem te podem provar as acusações que, agora, fazem contra mim.
14 Maar ik beken u wel dat ik de God van onze voorouders vereer volgens de Weg die zij een sekte noemen, en dat ik alles geloof wat overeenstemt met de Wet en wat in de Profeten staat.
14 Porém confesso-te que, segundo o Caminho, a que chamam seita, assim eu sirvo ao Deus de nossos pais, acreditando em todas as coisas que estejam de acordo com a lei e nos escritos dos profetas,
15 En evenals mijn aanklagers verwacht ik dat God zowel de rechtvaardigen als de onrechtvaardigen zal doen verrijzen.
15 tendo esperança em Deus, como também estes a têm, de que haverá ressurreição, tanto de justos como de injustos.
16 Daarom doe ik mijn best om altijd een zuiver geweten te hebben tegenover God en de mensen.
16 Por isso, também me esforço por ter sempre consciência pura diante de Deus e dos homens.
17 Na een afwezigheid van vele jaren ben ik naar mijn land teruggekomen om giften aan de armen te geven en offers te brengen.
17 Depois de anos, vim trazer esmolas à minha nação e também fazer oferendas,
18 Dat was ik aan het doen toen men mij in de tempel aantrof, waar ik pas de reinigingsceremonie had uitgevoerd; er was geen samenscholing en geen commotie.
18 e foi nesta prática que alguns judeus da Ásia me encontraram já purificado no templo, sem ajuntamento e sem tumulto,
19 Maar er zijn enkele Joodse mensen uit Asia die voor u zouden moeten verschijnen om mij te beschuldigen als zij iets tegen mij hebben.
19 os quais deviam comparecer diante de ti e acusar, se tivessem alguma coisa contra mim.
20 Of laat wie hier aanwezig is verklaren aan welke overtreding zij mij schuldig hebben bevonden toen ik voor de Joodse raad stond.
20 Ou estes mesmos digam que iniquidade acharam em mim, por ocasião do meu comparecimento perante o Sinédrio,
21 Of het moest die ene uitroep zijn die ik deed toen ik voor hen stond: ‘Het is in verband met de verrijzenis van de doden dat ik vandaag voor u terecht sta’.”
21 salvo estas palavras que clamei, estando entre eles: hoje, sou eu julgado por vós acerca da ressurreição dos mortos.
22 Maar Felix, die goed op de hoogte was van de Weg, verdaagde de zitting en zei: “Wanneer Lysias de tribuun komt, zal ik over uw zaak beslissen.”
22 Então, Félix, conhecendo mais acuradamente as coisas com respeito ao Caminho, adiou a causa, dizendo: Quando descer o comandante Lísias, tomarei inteiro conhecimento do vosso caso.
23 Hij beval de centurio, Paulus gevangen te houden onder licht regime. Ook mocht geen van Paulus' assistenten worden verhinderd hem bij te staan.
23 E mandou ao centurião que conservasse a Paulo detido, tratando-o com indulgência e não impedindo que os seus próprios o servissem.
24 Enkele dagen later kwam Felix vergezeld van zijn vrouw Drusilla, die Jodin was. Hij liet Paulus ophalen en liet hem vertellen over zijn geloof in Christus Jezus.
24 Passados alguns dias, vindo Félix com Drusila, sua mulher, que era judia, mandou chamar Paulo e passou a ouvi-lo a respeito da fé em Cristo Jesus.
25 Maar toen Paulus sprak over gerechtigheid, zelfbeheersing en het komende Oordeel, werd Felix heel bang en onderbrak hij hem: “Zo is het genoeg, u mag beschikken. Wanneer ik weer tijd heb zal ik u ontbieden.”
25 Dissertando ele acerca da justiça, do domínio próprio e do Juízo vindouro, ficou Félix amedrontado e disse: Por agora, podes retirar-te, e, quando eu tiver vagar, chamar-te-ei;
26 Tegelijkertijd hoopte hij dat Paulus hem geld zou aanbieden. Daarom liet hij hem vaak ontbieden om met hem te praten.
26 esperando também, ao mesmo tempo, que Paulo lhe desse dinheiro; pelo que, chamando-o mais frequentemente, conversava com ele.
27 Na verloop van twee jaar werd Felix opgevolgd door Porcius Festus. En om de Joodse mensen een gunst te bewijzen, liet Felix Paulus in gevangenschap achter.
27 Dois anos mais tarde, Félix teve por sucessor Pórcio Festo; e, querendo Félix assegurar o apoio dos judeus, manteve Paulo encarcerado.

Ler em outra tradução

Comparar com outra

Estude este capítulo no WhatsApp

Peça à IA da Bíblia Fala para explicar Atos 24, comparar traduções ou montar um estudo — tudo direto pelo WhatsApp.