Atos 12

Dutch: Gods Boek (NLD_GBV) vs ARA

Sair da comparação
ARA Almeida Revista e Atualizada 1993
1 Rond die tijd liet koning Herodes sommige kerkleden grijpen en mishandelen.
1 Por aquele tempo, mandou o rei Herodes prender alguns da igreja para os maltratar,
2 Jakobus, de broer van Johannes, liet hij met het zwaard doden.
2 fazendo passar a fio de espada a Tiago, irmão de João.
3 En toen hij zag dat hij de Joodse mensen daarmee een plezier had gedaan, liet hij vervolgens ook Petrus oppakken. Dat gebeurde tijdens het Feest van de Ongedesemde Broden.
3 Vendo ser isto agradável aos judeus, prosseguiu, prendendo também a Pedro. E eram os dias dos pães asmos.
4 Na de arrestatie zette hij Petrus gevangen onder bewaking van vier groepen van vier soldaten, met de bedoeling hem na Pesach in het openbaar te berechten.
4 Tendo-o feito prender, lançou-o no cárcere, entregando-o a quatro escoltas de quatro soldados cada uma, para o guardarem, tencionando apresentá-lo ao povo depois da Páscoa.
5 Terwijl Petrus onder bewaking gevangen zat, werd door de kerkgemeenschap vurig voor hem tot God gebeden.
5 Pedro, pois, estava guardado no cárcere; mas havia oração incessante a Deus por parte da igreja a favor dele.
6 In de nacht voordat Herodes hem zou laten voorleiden, lag Petrus met twee ketenen geboeid te slapen tussen twee soldaten in, terwijl twee bewakers de wacht hielden voor de deur van de gevangenis.
6 Quando Herodes estava para apresentá-lo, naquela mesma noite, Pedro dormia entre dois soldados, acorrentado com duas cadeias, e sentinelas à porta guardavam o cárcere.
7 Plots kwam er een engel van de Heer naar Petrus toe en scheen er licht in de cel. De engel stootte Petrus in zijn zij, maakte hem wakker en zei: “Vlug, sta op.” Daarbij vielen de ketenen van zijn polsen.
7 Eis, porém, que sobreveio um anjo do Senhor, e uma luz iluminou a prisão; e, tocando ele o lado de Pedro, o despertou, dizendo: Levanta-te depressa! Então, as cadeias caíram-lhe das mãos.
8 De engel zei tegen hem: “Doe je riem om en trek je sandalen aan.” Dat deed Petrus. Verder zei de engel: “Sla je mantel om en kom mee.”
8 Disse-lhe o anjo: Cinge-te e calça as sandálias. E ele assim o fez. Disse-lhe mais: Põe a capa e segue-me.
9 Petrus volgde hem naar buiten, maar besefte niet dat de dingen die de engel deed werkelijk gebeurden; hij dacht dat hij een visioen had.
9 Então, saindo, o seguia, não sabendo que era real o que se fazia por meio do anjo; parecia-lhe, antes, uma visão.
10 Ze gingen de eerste en de tweede wacht voorbij en kwamen bij de ijzeren poort die toegang geeft tot de stad. Die ging vanzelf voor hen open. Nadat ze naar buiten waren gegaan, wandelden ze een straat door en ineens verliet de engel Petrus.
10 Depois de terem passado a primeira e a segunda sentinela, chegaram ao portão de ferro que dava para a cidade, o qual se lhes abriu automaticamente; e, saindo, enveredaram por uma rua, e logo adiante o anjo se apartou dele.
11 Toen kwam Petrus tot zichzelf en zei: “Nu weet ik zeker dat de Heer zijn engel heeft gestuurd en mij heeft bevrijd uit de handen van Herodes en van alles wat het Joodse volk verwachtte.”
11 Então, Pedro, caindo em si, disse: Agora, sei, verdadeiramente, que o Senhor enviou o seu anjo e me livrou da mão de Herodes e de toda a expectativa do povo judaico.
12 Toen dit tot hem was doorgedrongen, ging hij naar het huis van Maria, de moeder van Johannes die Markus wordt genoemd. Daar waren veel mensen samen aan het bidden.
12 Considerando ele a sua situação, resolveu ir à casa de Maria, mãe de João, cognominado Marcos, onde muitas pessoas estavam congregadas e oravam.
13 Toen Petrus bij de buitendeur aanklopte, kwam er een dienstmeisje luisteren wie er was. Zij heette Roda.
13 Quando ele bateu ao postigo do portão, veio uma criada, chamada Rode, ver quem era;
14 Zij herkende Petrus' stem en was zo blij dat ze, in plaats van de deur te openen, naar binnen rende en berichtte dat Petrus voor de poort stond.
14 reconhecendo a voz de Pedro, tão alegre ficou, que nem o fez entrar, mas voltou correndo para anunciar que Pedro estava junto do portão.
15 Maar ze zeiden tegen haar: “Je bent niet goed wijs.” Ze hield echter vol dat het waar was. Dus zeiden ze: “Het zal zijn engel wel zijn.”
15 Eles lhe disseram: Estás louca. Ela, porém, persistia em afirmar que assim era. Então, disseram: É o seu anjo.
16 Petrus bleef echter kloppen en toen ze opendeden en hem zagen, stonden ze perplex.
16 Entretanto, Pedro continuava batendo; então, eles abriram, viram-no e ficaram atônitos.
17 Petrus gebaarde met zijn hand dat ze moesten zwijgen en vertelde hun hoe de Heer hem uit de gevangenis had geleid. Hij zei: “Vertel dit aan Jakobus en de gelovigen.” Toen ging hij naar buiten en vertrok hij naar een andere plaats.
17 Ele, porém, fazendo-lhes sinal com a mão para que se calassem, contou-lhes como o Senhor o tirara da prisão e acrescentou: Anunciai isto a Tiago e aos irmãos. E, saindo, retirou-se para outro lugar.
18 Toen het ochtend werd, ontstond er grote commotie onder de soldaten over wat er met Petrus gebeurd kon zijn.
18 Sendo já dia, houve não pouco alvoroço entre os soldados sobre o que teria acontecido a Pedro.
19 Herodes liet naar hem zoeken, maar hij werd niet gevonden. Toen verhoorde Herodes de bewakers, liet hen executeren en vertrok uit Judea naar Caesarea, waar hij een tijdlang bleef.
19 Herodes, tendo-o procurado e não o achando, submetendo as sentinelas a inquérito, ordenou que fossem justiçadas. E, descendo da Judeia para Cesareia, Herodes passou ali algum tempo.
20 Nu was het zo dat Herodes kwaad was op de bevolking van Tyrus en Sidon. Zij kwamen gezamenlijk naar hem toe. En nadat ze Blastus, de kamerheer van de koning, voor zich hadden gewonnen, verzochten ze Herodes om vrede, omdat hun gebied economisch van hem afhankelijk was.
20 Ora, havia séria divergência entre Herodes e os habitantes de Tiro e de Sidom; porém estes, de comum acordo, se apresentaram a ele e, depois de alcançar o favor de Blasto, camarista do rei, pediram reconciliação, porque a sua terra se abastecia do país do rei.
21 Op de afgesproken dag nam Herodes in koninklijk ornaat op zijn troon plaats en sprak hen toe.
21 Em dia designado, Herodes, vestido de trajo real, assentado no trono, dirigiu-lhes a palavra;
22 Het volk jubelde: “Dit is de stem van een god, niet van een mens.”
22 e o povo clamava: É voz de um deus, e não de homem!
23 Op hetzelfde moment werd Herodes getroffen door een engel van de Heer, omdat hij niet de eer aan God had gegeven. Hij werd door wormen aangevreten en stierf.
23 No mesmo instante, um anjo do Senhor o feriu, por ele não haver dado glória a Deus; e, comido de vermes, expirou.
24 Maar het Woord van God verspreidde zich en kreeg steeds meer aanhang.
24 Entretanto, a palavra do Senhor crescia e se multiplicava.
25 Nadat Barnabas en Saulus hun opdracht hadden voltooid, keerden ze vanuit Jeruzalem terug. Ze brachten Johannes, die ook wel Markus genoemd wordt, mee.
25 Barnabé e Saulo, cumprida a sua missão, voltaram de Jerusalém, levando também consigo a João, apelidado Marcos.

Ler em outra tradução

Comparar com outra

Estude este capítulo no WhatsApp

Peça à IA da Bíblia Fala para explicar Atos 12, comparar traduções ou montar um estudo — tudo direto pelo WhatsApp.