2 Coríntios 5

Dutch: Gods Boek (NLD_GBV) vs ARA

Sair da comparação
ARA Almeida Revista e Atualizada 1993
1 Wij weten dat wanneer de aardse tent waarin wij wonen wordt afgebroken, God voor ons een woning heeft, een eeuwig huis in de hemel, dat niet met mensenhanden is gemaakt.
1 Sabemos que, se a nossa casa terrestre deste tabernáculo se desfizer, temos da parte de Deus um edifício, casa não feita por mãos, eterna, nos céus.
2 Maar nu zuchten we nog: we verlangen ernaar, met onze hemelse woning te worden overkleed,
2 E, por isso, neste tabernáculo, gememos, aspirando por sermos revestidos da nossa habitação celestial;
3 zodat we niet naakt zullen worden aangetroffen wanneer we ons aardse lichaam verlaten.
3 se, todavia, formos encontrados vestidos e não nus.
4 Zolang wij in onze huidige tent verblijven, zuchten we onder de last die we dragen. We zouden namelijk liever met onze nieuwe woning overkleed willen worden zonder te worden ontkleed, op zodanige wijze dat het sterfelijke door het leven wordt verzwolgen.
4 Pois, na verdade, os que estamos neste tabernáculo gememos angustiados, não por querermos ser despidos, mas revestidos, para que o mortal seja absorvido pela vida.
5 Het is God die ons met dat doel voor ogen heeft gemaakt, en Hij heeft ons bij wijze van onderpand de Geest gegeven.
5 Ora, foi o próprio Deus quem nos preparou para isto, outorgando-nos o penhor do Espírito.
6 Daarom zijn wij altijd vol goede moed, hoewel we beseffen dat zolang we in het lichaam wonen, we nog niet bij de Heer zijn.
6 Temos, portanto, sempre bom ânimo, sabendo que, enquanto no corpo, estamos ausentes do Senhor;
7 Onze manier van leven is gebaseerd op hetgeen we geloven, niet op hetgeen we zien.
7 visto que andamos por fé e não pelo que vemos.
8 We zijn dus vol goede moed, al zouden we graag ons lichaam verlaten en bij de Heer onze intrek nemen.
8 Entretanto, estamos em plena confiança, preferindo deixar o corpo e habitar com o Senhor.
9 Daarom is onze enige ambitie, te doen wat Hem vreugde geeft, zowel wanneer we nog in onze tent wonen als wanneer we straks in onze nieuwe woning zijn.
9 É por isso que também nos esforçamos, quer presentes, quer ausentes, para lhe sermos agradáveis.
10 We moeten immers allen voor de rechterstoel van Christus verschijnen, en dan zal ieder ontvangen wat hij met zijn daden heeft verdiend – goed of slecht – tijdens het verblijf in zijn aardse lichaam.
10 Porque importa que todos nós compareçamos perante o tribunal de Cristo, para que cada um receba segundo o bem ou o mal que tiver feito por meio do corpo.
11 Omdat wij beseffen dat men ontzag voor de Heer moet hebben, proberen we de mensen te overtuigen. God kent onze bedoelingen en ik hoop dat ze ook duidelijk zijn voor jullie vermogen om goed en kwaad van elkaar te onderscheiden.
11 E assim, conhecendo o temor do Senhor, persuadimos os homens e somos cabalmente conhecidos por Deus; e espero que também a vossa consciência nos reconheça.
12 Wij bevelen onszelf niet opnieuw bij jullie aan, maar geven jullie de kans om fier op ons te zijn, zodat jullie iets hebben om te zeggen tegen diegenen die fier zijn op uiterlijkheden in plaats van op het innerlijke.
12 Não nos recomendamos novamente a vós outros; pelo contrário, damo-vos ensejo de vos gloriardes por nossa causa, para que tenhais o que responder aos que se gloriam na aparência e não no coração.
13 Als wij zogezegd niet goed bij ons verstand zijn, gedragen we ons zo voor God, en wanneer wij bij ons volle verstand zijn, gebeurt dat in jullie belang.
13 Porque, se enlouquecemos, é para Deus; e, se conservamos o juízo, é para vós outros.
14 Wij worden gemotiveerd door de liefde van Christus, want we zijn ervan overtuigd dat één Persoon is gestorven ten behoeve van allen en dat daardoor allen zijn gestorven.
14 Pois o amor de Cristo nos constrange, julgando nós isto: um morreu por todos; logo, todos morreram.
15 En Hij is voor allen gestorven opdat de levenden niet meer voor zichzelf zouden leven, maar voor Degene die voor hen is gestorven en opgewekt.
15 E ele morreu por todos, para que os que vivem não vivam mais para si mesmos, mas para aquele que por eles morreu e ressuscitou.
16 Daarom beoordelen wij niemand meer naar menselijke maatstaven, en hoewel we Christus vroeger naar menselijke maatstaven beoordeelden, doen we dat nu niet meer.
16 Assim que, nós, daqui por diante, a ninguém conhecemos segundo a carne; e, se antes conhecemos Cristo segundo a carne, já agora não o conhecemos deste modo.
17 Dus als iemand bij Christus hoort, is hij een nieuwe creatie – het oude is voorbij, het nieuwe is gekomen.
17 E, assim, se alguém está em Cristo, é nova criatura; as coisas antigas já passaram; eis que se fizeram novas.
18 En dit alles is Gods werk: door middel van Christus heeft Hij ons met zich verzoend en ons de taak gegeven die verzoening bekend te maken.
18 Ora, tudo provém de Deus, que nos reconciliou consigo mesmo por meio de Cristo e nos deu o ministério da reconciliação,
19 God heeft namelijk de wereld met zich verzoend door middel van Christus: Hij legt de mensen hun overtredingen niet langer ten laste. En ons heeft Hij de taak gegeven, die verzoening te verkondigen.
19 a saber, que Deus estava em Cristo reconciliando consigo o mundo, não imputando aos homens as suas transgressões, e nos confiou a palavra da reconciliação.
20 Wij zijn dus ambassadeurs van Christus; het is via ons dat God zijn oproep doet. Namens Christus roepen wij jullie daarom op: laat je met God verzoenen.
20 De sorte que somos embaixadores em nome de Cristo, como se Deus exortasse por nosso intermédio. Em nome de Cristo, pois, rogamos que vos reconcilieis com Deus.
21 Omwille van ons werd Hij die nooit had gezondigd als zondaar behandeld, opdat wij die bij Hem horen de vrijspraak van schuld zouden ontvangen die God schenkt.
21 Aquele que não conheceu pecado, ele o fez pecado por nós; para que, nele, fôssemos feitos justiça de Deus.

Ler em outra tradução

Comparar com outra

Estude este capítulo no WhatsApp

Peça à IA da Bíblia Fala para explicar 2 Coríntios 5, comparar traduções ou montar um estudo — tudo direto pelo WhatsApp.