Salmos 21

Dutch (DUTCH) vs NAA

Sair da comparação
NAA Nova Almeida Atualizada 2017
1 Een psalm van David, voor den opperzangmeester.
1 Na tua força, Senhor , o rei se alegra! E como exulta com a tua salvação!
2 O HEERE! de koning is verblijd over Uw sterkte; en hoezeer is hij verheugd over Uw heil!
2 Tu lhe satisfizeste o desejo do coração e não lhe negaste as súplicas dos seus lábios.
3 Gij hebt hem zijns harten wens gegeven, en de uitspraak zijner lippen hebt Gij niet geweerd. Sela.
3 Pois o supres das bênçãos de bondade; e lhe pões na cabeça uma coroa de ouro puro.
4 Want Gij komt hem voor met zegeningen van het goede; op zijn hoofd zet Gij een kroon van fijn goud.
4 Ele te pediu vida, e tu lhe deste; sim, longevidade para todo o sempre.
5 Het leven heeft hij van U begeerd. Gij hebt het hem gegeven; lengte van dagen, eeuwiglijk en altoos.
5 Grande é a glória dele por causa da tua salvação; de esplendor e majestade o cobriste.
6 Groot is zijn eer door Uw heil; majesteit en heerlijkheid hebt Gij hem toegevoegd.
6 Pois o puseste por bênção para sempre e o encheste de alegria com a tua presença.
7 Want Gij zet hem tot zegeningen in eeuwigheid; Gij vervrolijkt hem door vreugde met Uw aangezicht.
7 O rei confia no Senhor e pela misericórdia do Altíssimo jamais vacilará.
8 Want de koning vertrouwt op den HEERE, en door de goedertierenheid des Allerhoogsten zal hij niet wankelen.
8 A mão dele alcançará todos os seus inimigos, a sua mão direita apanhará os que o odeiam.
9 Uw hand zal alle vijanden vinden; uw rechterhand zal uw haters vinden.
9 Tu os farás como uma fornalha ardente, quando te manifestares; o os consumirá, o fogo os devorará.
10 Gij zult hen zetten als een vurige oven ter tijd uws toornigen aangezichts; de HEERE zal hen in Zijn toorn verslinden, en het vuur zal hen verteren.
10 Destruirás da terra a sua posteridade e a sua descendência, de entre os filhos dos homens.
11 Gij zult hun vrucht van de aarde verdoen, en hun zaad van de kinderen der mensen.
11 Se contra ti planejarem o mal e armarem ciladas, não obterão êxito;
12 Want zij hebben kwaad tegen U aangelegd; zij hebben een schandelijke daad bedacht, doch zullen niets vermogen.
12 porque tu os porás em fuga e mirarás o rosto deles com o teu arco.
13 Want Gij zult hen zetten tot een wit; met Uw pezen zult Gij het op hun aangezicht toeleggen. [ (Psalms 21:14) Verhoog U, HEERE! in Uw sterkte; zo zullen wij zingen, en Uw macht met psalmen loven. ]
13 Exalta-te, Senhor , na tua força! Nós cantaremos e louvaremos o teu poder.

Ler em outra tradução

Comparar com outra

Estude este capítulo no WhatsApp

Peça à IA da Bíblia Fala para explicar Salmos 21, comparar traduções ou montar um estudo — tudo direto pelo WhatsApp.