Levítico 5

Dutch (DUTCH) vs NAA

Sair da comparação
NAA Nova Almeida Atualizada 2017
1 Als nu een mens zal gezondigd hebben, dat hij gehoord heeft een stem des vloeks, waarvan hij getuige is, hetzij dat hij het gezien of geweten heeft; indien hij het niet te kennen geeft, zo zal hij zijn ongerechtigheid dragen.
1 — Se alguém pecar porque, sendo testemunha de um fato que viu ou ficou sabendo, não o quis revelar, mesmo sob ameaça de maldição, essa pessoa levará a sua iniquidade.
2 Of wanneer een mens enig onrein ding zal aangeroerd hebben, hetzij het dode aas van een wild onrein gedierte, of het dode aas van onrein vee, of het dode aas van onrein kruipend gedierte; al is het voor hem verborgen geweest, nochtans is hij onrein en schuldig.
2 Se alguém tocar em alguma coisa impura, como o cadáver de um animal impuro, seja de um animal selvagem, de um animal doméstico ou de um animal que rasteja pelo chão, ainda que não se dê conta disso, e se tornar impuro, então será culpado.
3 Of als hij zal aangeroerd hebben de onreinigheid van een mens, naar al zijn onreinigheid, waarmede hij onrein wordt; en het is voor hem verborgen geweest, en hij is het gewaar geworden, zo is hij schuldig.
3 Se tocar a impureza de uma pessoa, seja qual for a impureza com que se faça impuro, e não se der conta disso, mas ficar sabendo depois, será culpado.
4 Of als een mens zal gezworen hebben, onbedacht met zijn lippen uitsprekende, om kwaad te doen, of om goed te doen; naar al wat de mens in den eed onbedacht uitspreekt, en het is voor hem verborgen geweest, en hij zal het gewaar worden, zo is hij aan een van die schuldig.
4 Se alguém jurar de forma precipitada, dizendo que vai fazer alguma coisa má ou boa, seja o que for que alguém pronuncie de forma precipitada com juramento, e ele não se der conta disso, mas ficar sabendo depois, culpado será numa destas coisas.
5 Het zal dan geschieden, als hij aan een van die schuldig is, dat hij belijden zal, waarin hij gezondigd heeft;
5 Quem for culpado numa destas coisas, confessará aquilo em que pecou.
6 En tot zijn schuldoffer den HEERE voor zijn zonde, die hij gezondigd heeft, brengen zal een wijfje van klein vee, een lam of een jonge geit, voor de zonde; zo zal de priester voor hem vanwege zijn zonde verzoening doen.
6 Como sua oferta pela culpa, pelo pecado que cometeu, essa pessoa trará ao Senhor , do gado miúdo, uma cordeira ou uma cabrita como oferta pelo pecado; assim, o sacerdote, por essa pessoa, fará expiação do seu pecado.
7 Maar indien zijn hand zoveel niet bereiken kan, als genoeg is tot een stuk klein vee, zo zal hij tot zijn offer voor de schuld, die hij gezondigd heeft, den HEERE brengen twee tortelduiven, of twee jonge duiven, een ten zondoffer, en een ten brandoffer.
7 — Se as suas posses não lhe permitirem trazer uma cordeira, trará ao Senhor , como oferta pela culpa, pelo pecado que cometeu, duas rolinhas ou dois pombinhos: um como oferta pelo pecado, e o outro como holocausto.
8 En hij zal die tot den priester brengen, welke eerst die zal offeren, die tot het zondoffer is; en zal zijn hoofd met zijn nagel nevens haar nek splijten, maar niet afscheiden.
8 Entregará as duas aves ao sacerdote, que primeiro oferecerá a ave que é oferta pelo pecado. O sacerdote destroncará a cabeça da ave, sem a separar do pescoço.
9 En van het bloed des zondoffers zal hij aan den wand van het altaar sprengen; maar het overgeblevene van dat bloed zal uitgeduwd worden aan den bodem van het altaar; het is een zondoffer.
9 Do sangue da oferta pelo pecado aspergirá sobre a parede do altar, e o restante do sangue fará correr na base do altar; é oferta pelo pecado.
10 En de andere zal hij ten brandoffer maken, naar de wijze; zo zal de priester voor hem, vanwege zijn zonde, die hij gezondigd heeft, verzoening doen, en het zal hem vergeven worden.
10 E da outra ave fará um holocausto, conforme o estabelecido. Assim, o sacerdote, por essa pessoa, fará oferta pelo pecado que ela cometeu, e o pecado lhe será perdoado.
11 Maar indien zijn hand niet bereiken kan aan twee tortelduiven of twee jonge duiven, zo zal hij, die gezondigd heeft, tot zijn offerande brengen het tiende deel van een efa meelbloem ten zondoffer; hij zal geen olie daarover doen, noch wierook daarop leggen; want het is een zondoffer.
11 — Porém, se as suas posses não lhe permitirem trazer duas rolinhas ou dois pombinhos, então essa pessoa que pecou trará, por sua oferta, dois litros da melhor farinha como oferta pelo pecado; não derramará azeite sobre a farinha, nem lhe porá em cima incenso, pois é oferta pelo pecado.
12 En hij zal dat tot den priester brengen, en de priester zal daarvan zijn hand vol, der gedachtenis deszelven, grijpen, en dat aansteken op het altaar, op de vuurofferen des HEEREN; het is een zondoffer.
12 Entregará a oferta ao sacerdote, e o sacerdote pegará um punhado da farinha como porção memorial e a queimará sobre o altar, em cima das ofertas queimadas ao Senhor ; é oferta pelo pecado.
13 Zo zal de priester voor hem verzoening doen over zijn zonde, die hij gezondigd heeft in enige van die stukken, en het zal hem vergeven worden; en het zal des priesters zijn, gelijk het spijsoffer.
13 Assim, o sacerdote, por essa pessoa, fará oferta pelo pecado que cometeu em alguma destas coisas, e o pecado lhe será perdoado. O restante da farinha será do sacerdote, como no caso da oferta de cereais.
14 Wijders sprak de HEERE tot Mozes, zeggende:
14 O Senhor disse a Moisés:
15 Als een mens door overtreding overtreden, en door afdwaling gezondigd zal hebben, wat onwetende van de heilige dingen des HEEREN, zo zal hij tot zijn schuldoffer den HEERE brengen een volkomen ram uit de kudde, met uw schatting aan zilveren sikkelen, naar den sikkel des heiligdoms, ten schuldoffer.
15 — Se alguém cometer ofensa e pecar de forma involuntária nas coisas sagradas do Senhor , trará ao Senhor , por oferta, do rebanho, um carneiro sem defeito, conforme avaliação em prata, segundo o peso padrão do santuário, como oferta pela culpa.
16 Zo zal hij, dat hij zondigende heeft onwetend van de heilige dingen, wedergeven, en zal deszelfs vijfde deel daarenboven toedoen, dat hij den priester geven zal; alzo zal de priester met den ram des schuldoffers voor hem verzoening doen, en het zal hem vergeven worden.
16 Assim, restituirá o que tirou das coisas sagradas, e ainda acrescentará o seu quinto, e o dará ao sacerdote; assim, o sacerdote, com o carneiro da oferta pela culpa, fará expiação por essa pessoa, e o pecado lhe será perdoado.
17 En indien een mens zal gezondigd hebben, en gedaan tegen een van alle geboden des HEEREN, hetwelk niet zou gedaan worden, al is het dat hij het niet geweten heeft, nochtans is hij schuldig, en zal zijn ongerechtigheid dragen.
17 — Se alguma pessoa pecar e fizer contra algum dos mandamentos do Senhor aquilo que não se deve fazer, ainda que não tenha se dado conta disso, será culpada mesmo assim e levará a sua iniquidade.
18 En hij zal een volkomen ram uit de kudde tot den priester brengen, met uw schatting, ten schuldoffer; en de priester zal voor hem verzoening doen over zijn afdwaling, door welke hij afgedwaald is, die hij niet geweten had; zo zal het hem vergeven worden.
18 E do rebanho trará ao sacerdote um carneiro sem defeito, conforme avaliação feita, para oferta pela culpa, e o sacerdote, por essa pessoa, fará expiação no que se refere ao erro que, de forma involuntária, cometeu, e lhe será perdoado.
19 Het is een schuldoffer; hij heeft zich voorzeker schuldig gemaakt aan den HEERE.
19 É oferta pela culpa, pois certamente se tornou culpada diante do Senhor .

Ler em outra tradução

Comparar com outra

Estude este capítulo no WhatsApp

Peça à IA da Bíblia Fala para explicar Levítico 5, comparar traduções ou montar um estudo — tudo direto pelo WhatsApp.