Levítico 4

Dutch (DUTCH) vs NAA

Sair da comparação
NAA Nova Almeida Atualizada 2017
1 Verder sprak de HEERE tot Mozes, zeggende:
1 O Senhor disse a Moisés:
2 Spreek tot de kinderen Israels, zeggende: Als een ziel zal gezondigd hebben, door afdwaling van enige geboden des HEEREN, dat niet zou gedaan worden, en tegen een van die zal gedaan hebben;
2 — Fale aos filhos de Israel, dizendo: Quando alguém cometer pecado involuntário contra qualquer dos mandamentos do Senhor , por fazer contra algum deles o que não se deve fazer,
3 Indien de priester, die gezalfd is, zal gezondigd hebben, tot schuld des volks, zo zal hij voor zijn zonde, die hij gezondigd heeft, offeren een var, een volkomen jong rund, den HEERE ten zondoffer.
3 se o sacerdote ungido pecar, de tal maneira que o povo se torne culpado, oferecerá ao Senhor , como oferta pelo pecado, um novilho sem defeito.
4 En hij zal die var brengen tot de deur van de tent der samenkomst, voor het aangezicht des HEEREN; en hij zal zijn hand op het hoofd van dien var leggen, en hij zal dien var slachten voor het aangezicht des HEEREN.
4 Trará o novilho à porta da tenda do encontro, diante do Senhor , porá a mão sobre a cabeça do novilho e o matará diante do Senhor .
5 Daarna zal die gezalfde priester van het bloed van den var nemen, en hij zal dat tot de tent der samenkomst brengen.
5 Então o sacerdote ungido pegará um pouco do sangue do novilho e o trará à tenda do encontro;
6 En de priester zal zijn vinger in dat bloed dopen; en van dat bloed zal hij zevenmaal sprengen voor het aangezicht des HEEREN, voor den voorhang van het heilige.
6 e, molhando o dedo no sangue, o aspergirá sete vezes diante do Senhor , diante do véu do santuário.
7 Ook zal de priester van dat bloed doen op de hoornen des reukaltaars der welriekende specerijen, voor het aangezicht des HEEREN, dat in de tent der samenkomst is; dan zal hij al het bloed van den var uitgieten aan den bodem van het altaar des brandoffers, hetwelk is aan de deur van de tent der samenkomst.
7 O sacerdote também porá um pouco daquele sangue sobre os chifres do altar do incenso aromático, diante do Senhor , altar que está na tenda do encontro. Todo o restante do sangue do novilho ele derramará na base do altar do holocausto, que está à porta da tenda do encontro.
8 Verder, al het vet van den var des zondoffers zal hij daarvan opnemen; het vet bedekkende het ingewand, en al het vet, dat aan het ingewand is;
8 O sacerdote tirará toda a gordura do novilho da expiação: a gordura que cobre as entranhas e toda a gordura que está no meio das entranhas,
9 Daartoe de twee nieren, en het vet, dat daaraan is, dat aan de weekdarmen is, en het net over de lever, met de nieren, zal hij afnemen;
9 os dois rins, a gordura que está sobre eles e junto aos lombos, e a membrana sobre o fígado, que tirará junto com os rins,
10 Gelijk als het van den os des dankoffers opgenomen wordt; en de priester zal die aansteken op het altaar des brandoffers.
10 assim como se tira isso do novilho do sacrifício pacífico. E o sacerdote queimará essas partes sobre o altar do holocausto.
11 Maar de huid van dien var, en al zijn vlees, met zijn hoofd en met zijn schenkelen, en zijn ingewand, en zijn mest;
11 Mas o couro do novilho, toda a sua carne, a cabeça, as pernas, as entranhas e o excremento,
12 En dien gehele var zal hij tot buiten het leger uitvoeren, aan een reine plaats, waar men de as uitstort, en zal hem met vuur op het hout verbranden; bij de uitgegoten as zal hij verbrand worden.
12 a saber, o novilho todo, levará para fora do arraial, a um lugar puro, onde se lança a cinza, e o queimará sobre a lenha; será queimado onde se lança a cinza.
13 Indien nu de gehele vergadering van Israel afgedwaald zal zijn, en de zaak voor de ogen der gemeente verborgen is, en zij iets gedaan zullen hebben tegen enige van allen geboden des HEEREN, dat niet zoude gedaan worden, en zijn schuldig geworden;
13 — Mas, se toda a congregação de Israel cometer pecado involuntário, e isso for oculto aos olhos da coletividade, e se fizerem, contra algum dos mandamentos do Senhor , aquilo que não se deve fazer, e forem culpados,
14 En die zonde, die zij daartegen gezondigd zullen hebben, bekend is geworden; zo zal de gemeente een var, een jong rund, ten zondoffer offeren, en dien voor de tent der samenkomst brengen;
14 e o pecado que cometeram for notório, então a coletividade trará um novilho como oferta pelo pecado e o apresentará diante da tenda do encontro.
15 En de oudsten der vergadering zullen hun handen op het hoofd van den var leggen, voor het aangezicht des HEEREN; en hij zal den var slachten voor het aangezicht des HEEREN.
15 Os anciãos da congregação porão as mãos sobre a cabeça do novilho diante do Senhor ; e o novilho será morto diante do Senhor .
16 Daarna zal die gezalfde priester van het bloed van den var tot de tent der samenkomst brengen.
16 Então o sacerdote ungido levará uma parte do sangue do novilho à tenda do encontro;
17 En de priester zal zijn vinger indopen, nemende van dat bloed; en hij zal zevenmaal sprengen voor het aangezicht des HEEREN, voor den voorhang.
17 molhará o dedo no sangue e o aspergirá sete vezes diante do Senhor , diante do véu.
18 En van dat bloed zal hij doen op de hoornen van het altaar, dat voor het aangezicht des HEEREN is, dat in de tent der samenkomst is; dan zal hij al het bloed uitgieten, aan den bodem van het altaar des brandoffers, hetwelk is voor de deur van de tent der samenkomst.
18 Depois, porá um pouco daquele sangue sobre os chifres do altar que está diante do Senhor , na tenda do encontro. Todo o restante do sangue ele derramará na base do altar do holocausto, que está à porta da tenda do encontro.
19 Daartoe zal hij al zijn vet van hem opnemen, en op het altaar aansteken.
19 Tirará do novilho toda a gordura e a queimará sobre o altar,
20 En hij zal dezen var doen, gelijk als hij den var des zondoffers gedaan heeft, alzo zal hij hem doen; en de priester zal voor hen verzoening doen, en het zal hun vergeven worden.
20 e fará com este novilho como fez com o novilho da oferta pelo pecado. Assim, o sacerdote fará expiação por eles, e eles serão perdoados.
21 Daarna zal hij dien var tot buiten het leger uitvoeren, en zal hem verbranden, gelijk als hij den eersten var verbrand heeft; het is een zondoffer der gemeente.
21 Depois, levará o novilho para fora do arraial e o queimará como queimou o primeiro novilho; é oferta pelo pecado da coletividade.
22 Als een overste zal gezondigd hebben, en tegen een van de geboden des HEEREN zijns Gods, door afdwaling, gedaan zal hebben, hetwelk niet zou gedaan worden, zodat hij schuldig is;
22 — Quando um chefe pecar, fazendo de forma involuntária alguma das coisas que o Senhor , seu Deus, ordenou que não se fizessem, e se tornar culpado;
23 Of men zijn zonde, die hij daartegen gezondigd heeft, aan hem zal bekend gemaakt hebben; zo zal hij tot zijn offer brengen een geitenbok, een volkomen mannetje.
23 ou se o pecado em que ele caiu lhe for notificado, trará por sua oferta um bode sem defeito.
24 En hij zal zijn hand op het hoofd van den bok leggen, en zal hem slachten in de plaats, waar men het brandoffer slacht voor het aangezicht des HEEREN; het is een zondoffer.
24 Porá a mão sobre a cabeça do bode e o matará no lugar onde são mortos os animais oferecidos em holocausto, diante do Senhor ; é oferta pelo pecado.
25 Daarna zal de priester van het bloed des zondoffers met zijn vinger nemen, en dat op de hoornen van het altaar des brandoffers doen; dan zal hij zijn bloed aan den bodem van het altaar des brandoffers uitgieten.
25 Então o sacerdote, com o dedo, pegará um pouco do sangue da oferta pelo pecado e o porá sobre os chifres do altar do holocausto. Todo o restante do sangue derramará na base do altar do holocausto.
26 Hij zal ook al zijn vet op het altaar aansteken, gelijk het vet des dankoffers; zo zal de priester voor hem verzoening doen van zijn zonden, en het zal hem vergeven worden.
26 Como no caso do sacrifício pacífico, queimará toda a gordura sobre o altar. Assim, o sacerdote fará expiação por ele, no que se refere ao pecado, e este lhe será perdoado.
27 En zo enig mens van het volk des lands door afdwaling zal gezondigd hebben, dewijl hij iets doet tegen een van de geboden des HEEREN, dat niet gedaan zou worden, zodat hij schuldig is;
27 — Se qualquer pessoa do povo da terra cometer pecado involuntário, por fazer alguma das coisas que o Senhor ordenou que não se fizessem, e se tornar culpada;
28 Of men zijn zonde, die hij gezondigd heeft, aan hem zal bekend gemaakt hebben; zo zal hij tot zijn offerande brengen een jonge geit, een volkomen wijfje, voor zijn zonde, die hij gezondigd heeft.
28 ou se o pecado em que ela caiu lhe for notificado, trará por sua oferta uma cabra sem defeito, pelo pecado que cometeu.
29 En hij zal zijn hand op het hoofd des zondoffers leggen; en men zal dat zondoffer slachten in de plaats des brandoffers.
29 Porá a mão sobre a cabeça da oferta pelo pecado e matará o animal no lugar do holocausto.
30 Daarna zal de priester van haar bloed met zijn vinger nemen, en doen het op de hoornen van het altaar des brandoffers; dan zal hij al het bloed daarvan aan den bodem van dat altaar uitgieten.
30 Então o sacerdote, com o dedo, pegará um pouco do sangue da oferta e o porá sobre os chifres do altar do holocausto. Todo o restante do sangue derramará na base do altar.
31 En al haar vet zal hij afnemen, gelijk als het vet van het dankoffer afgenomen wordt, en de priester zal het aansteken op het altaar, tot een liefelijken reuk den HEERE; en de priester zal voor hem verzoening doen, en het zal hem vergeven worden.
31 Tirará toda a gordura, como se tira a gordura do sacrifício pacífico; o sacerdote a queimará sobre o altar como aroma agradável ao Senhor . Assim, o sacerdote fará expiação pela pessoa, e o pecado lhe será perdoado.
32 Maar zo hij een lam voor zijn offerande ten zondoffer brengt, het zal een volkomen wijfje zijn, dat hij brengt.
32 — Mas, se trouxer uma cordeira como oferta pelo pecado, deverá trazer uma fêmea sem defeito.
33 En hij zal zijn hand op het hoofd des zondoffers leggen, en hij zal dat slachten tot een zondoffer, in de plaats, waar men het brandoffer slacht.
33 Porá a mão sobre a cabeça da oferta pelo pecado e matará o animal como oferta pelo pecado, no lugar onde são mortos os animais oferecidos em holocausto.
34 Daarna zal de priester van het bloed des zondoffers met zijn vinger nemen, en zal het doen op de hoornen van het altaar des brandoffers; dan zal hij al het bloed daarvan aan den bodem van dat altaar uitgieten.
34 Então o sacerdote, com o dedo, pegará um pouco do sangue da oferta pelo pecado e o porá sobre os chifres do altar do holocausto. Todo o restante do sangue derramará na base do altar.
35 En al het vet daarvan zal hij afnemen, gelijk als het vet van het lam des dankoffers afgenomen wordt, en de priester zal die aansteken op het altaar, op de vuurofferen des HEEREN; en de priester zal voor hem verzoening doen over zijn zonde, die hij gezondigd heeft, en het zal hem vergeven worden.
35 O sacerdote tirará toda a gordura, como se tira a gordura do cordeiro do sacrifício pacífico, e a queimará sobre o altar, em cima das ofertas queimadas do Senhor . Assim, o sacerdote, por essa pessoa, fará expiação do pecado que ela cometeu, e o pecado lhe será perdoado.

Ler em outra tradução

Comparar com outra

Estude este capítulo no WhatsApp

Peça à IA da Bíblia Fala para explicar Levítico 4, comparar traduções ou montar um estudo — tudo direto pelo WhatsApp.