Isaías 46

Dutch (DUTCH) vs NTLH

Sair da comparação
NTLH Nova Tradução na Linguagem de Hoje 2000
1 Bel is gekromd, Nebo wordt nedergebogen, hun afgoden zijn geworden voor de dieren en voor de beesten; uw opgeladen pakken zijn een last voor de vermoeide beesten.
1 “Os deuses Bel e Nebo se inclinam e caem no chão. Esses ídolos são colocados nas costas de animais de carga; são um peso enorme para os animais cansados.
2 Samen zijn zij nedergebogen, zij zijn gekromd, zij hebben den last niet kunnen redden, maar zijzelven zijn in de gevangenis gegaan.
2 Os deuses se inclinam e caem; eles não podem se salvar e são levados pelos inimigos.
3 Hoor naar Mij, o huis van Jakob, en het ganse overblijfsel van het huis Israels! die van Mij gedragen zijt van den buik aan, en opgenomen van de baarmoeder af.
3 “Escute, povo de Israel; escutem, todos os descendentes de Jacó que ficaram vivos! Desde que vocês nasceram, eu os tenho carregado; sempre cuidei de vocês.
4 En tot de ouderdom toe zal Ik Dezelfde zijn, ja, tot de grijsheid toe zal Ik ulieden dragen; Ik heb het gedaan, en Ik zal u opnemen, en Ik zal dragen en redden.
4 E, quando ficarem velhos, eu serei o mesmo Deus; cuidarei de vocês quando tiverem cabelos brancos. Eu os criei e os carregarei; eu os ajudarei e salvarei.
5 Wien zoudt gijlieden Mij nabeelden, en evengelijk maken, en Mij vergelijken, dat wij elkander gelijken zouden?
5 “Com quem é que vocês podem me comparar? Quem é parecido comigo?
6 Zij verkwisten het goud uit de beurs, en wegen het zilver met de waag; zij huren een goudsmid, en die maakt het tot een god, zij knielen neder, ook buigen zij zich daarvoor.
6 Há gente que pega uma boa porção do seu ouro e uma enorme quantidade da sua prata e paga um ourives para que com esse ouro e com essa prata ele faça um deus. E depois se ajoelham diante desse deus e o adoram.
7 Zij nemen hem op den schouder, zij dragen hem, en zetten hem aan zijn plaats; daar staat hij, hij wijkt van zijn stede niet; ja, roept iemand tot hem, zo antwoordt hij niet, hij verlost hem niet uit zijn benauwdheid.
7 Então carregam a imagem nas costas e a colocam no seu lugar; e ali ela fica, sem poder se mexer. Se pedirem socorro à imagem, ela não atende; ela não pode livrá-los das suas dificuldades.
8 Gedenkt hieraan, en houdt u kloekelijk, brengt het weder in het hart, o gij overtreders!
8 “Pecadores, lembrem disso: pensem bem e tenham juízo.
9 Gedenkt der vorige dingen van oude tijden af, dat Ik God ben, en er is geen God meer, en er is niet gelijk Ik;
9 Lembrem do que aconteceu no passado e reconheçam que só eu sou Deus, que não há nenhum outro como eu.
10 Die van den beginne aan verkondigt het einde, en van ouds af die dingen, die nog niet geschied zijn; Die zegt: Mijn raad zal bestaan, en Ik zal al Mijn welbehagen doen.
10 Desde o princípio, anunciei as coisas do futuro; há muito tempo, eu disse o que ia acontecer. Afirmei que o meu plano seria cumprido, que eu faria tudo o que havia resolvido fazer.
11 Die een roofvogel roept van het oosten, een man Mijns raads uit verren lande; ja, Ik heb het gesproken, Ik zal het ook doen opkomen; Ik heb het geformeerd, Ik zal het ook doen.
11 Estou chamando um homem para que venha do Oriente; de um país distante, ele vem rápido como uma águia para fazer o que eu ordeno. Vou cumprir o que prometi; vou fazer o que planejei.
12 Hoort naar Mij, gij stijven van harte, gij, die verre van de gerechtigheid zijt!
12 “Gente teimosa, escute aqui! Vocês pensam que a sua salvação vai demorar.
13 Ik breng Mijn gerechtigheid nabij, zij zal niet verre wezen, en Mijn heil zal niet vertoeven; maar Ik zal heil geven in Sion, aan Israel Mijn heerlijkheid.
13 Mas eu vou fazer chegar logo a salvação que prometi; ela não vai demorar, e em breve eu conseguirei a vitória. Eu salvarei os moradores de e repartirei com o povo de Israel a minha grandeza.”

Ler em outra tradução

Comparar com outra

Estude este capítulo no WhatsApp

Peça à IA da Bíblia Fala para explicar Isaías 46, comparar traduções ou montar um estudo — tudo direto pelo WhatsApp.