Isaías 38

Dutch (DUTCH) vs NTLH

Sair da comparação
NTLH Nova Tradução na Linguagem de Hoje 2000
1 In die dagen werd Hizkia krank tot stervens toe; en de profeet Jesaja, de zoon van Amoz, kwam tot hem, en zeide tot hem: Alzo zegt de HEERE: Geef bevel aan uw huis; want gij zult sterven, en niet leven.
1 Por esse tempo, o rei Ezequias ficou doente e quase morreu. O profeta Isaías, filho de Amoz, foi visitá-lo e disse: — O
2 Toen keerde Hizkia zijn aangezicht om naar den wand, en hij bad tot den HEERE.
2 Então Ezequias virou o rosto para a parede e orou assim:
3 En hij zeide: Och HEERE, gedenk toch, dat ik voor Uw aangezicht in waarheid en met een volkomen hart gewandeld, en wat goed in Uw ogen is, gedaan heb. En Hizkia weende gans zeer.
3 — Ó Senhor , lembra que eu tenho te servido com fidelidade e com todo o coração e sempre fiz aquilo que querias que eu fizesse. E chorou amargamente.
4 Toen geschiedde het woord des HEEREN tot Jesaja, zeggende:
4 Aí Deus mandou que Isaías
5 Ga henen, en zeg tot Hizkia: Zo zegt de HEERE, de God van uw vader David: Ik heb uw gebed gehoord, Ik heb uw tranen gezien; zie, Ik zal vijftien jaren tot uw dagen toedoen;
5 voltasse a falar com Ezequias e lhe dissesse: — Eu, o
6 En Ik zal u uit de hand des konings van Assyrie verlossen, mitsgaders deze stad; en Ik zal deze stad beschermen.
6 Livrarei você e esta cidade de Jerusalém do rei da Assíria e defenderei esta cidade.
7 En dit zal u een teken zijn van den HEERE, dat de HEERE het woord, dat Hij gesproken heeft, doen zal:
7 O Senhor Deus lhe dará um sinal para provar que vai cumprir a sua promessa.
8 Zie, Ik zal de schaduw der graden, die met de zon in de graden van Achaz' zonnewijzer nederwaarts gegaan is, tien graden achterwaarts doen keren. Dies is de zon tien graden teruggekeerd, in de graden, die zij nederwaarts gegaan was.
8 Na escadaria feita pelo rei Acaz, o Senhor fará com que a sombra volte dez degraus. E a sombra voltou dez degraus.
9 Dit is het schrift van Hizkia, koning van Juda, toen hij ziek geweest en van zijn ziekte genezen was.
9 Depois que o rei Ezequias sarou, ele escreveu o seguinte hino de louvor:
10 Ik zeide: Vanwege de afsnijding mijner dagen, zal ik tot de poorten des grafs heengaan, ik word beroofd van het overige mijner jaren.
10 “Eu pensava que iria morrer na flor da idade, que daqui em diante moraria no
11 Ik zeide: Ik zal den HEERE niet meer zien, den HEERE, in het land der levenden; ik zal de mensen niet meer aanschouwen met de inwoners der wereld.
11 Pensava que nesta vida eu nunca mais veria o que nunca mais veria outro ser humano.
12 Mijn levenstijd is weggetogen, en van mij weggevoerd gelijk eens herders hut; ik heb mijn leven afgesneden, gelijk een wever zijn web; Hij zal mij afsnijden, als van den drom; van den dag tot den nacht zult Gij mij ten einde gebracht hebben.
12 A minha vida foi cortada e terminada como uma barraca de pastores que é desmontada e levada para longe ou como um pedaço de pano que o tecelão corta de uma peça de tecido. Dia e noite eu pensava que Deus já ia acabar comigo.
13 Ik stelde mij voor tot den morgenstond toe; gelijk een leeuw, alzo zal Hij al mijn beenderen breken; van den dag tot den nacht, zult Gij mij ten einde gebracht hebben.
13 A noite inteira, eu gritava de dor, como se um leão estivesse quebrando os meus ossos. Dia e noite eu pensava que Deus já ia acabar comigo.
14 Gelijk een kraan of zwaluw, alzo piepte ik; ik kirde als een duif; mijn ogen verhieven zich omhoog; o HEERE! ik word onderdrukt, wees Gij mijn Borg.
14 Eu soltava fracos gemidos de dor como uma andorinha e gemia como uma pomba. Os meus olhos se cansaram de olhar para o céu. Ó Senhor, estou sofrendo! Salva-me!
15 Wat zal ik spreken? Gelijk Hij het mij heeft toegezegd, alzo heeft Hij het gedaan; ik zal nu al zoetjes voorttreden al mijn jaren, vanwege de bitterheid mijner ziel.
15 Mas como é que posso reclamar, se foi o próprio Deus quem fez isso comigo? Estou tão aflito, que já não consigo dormir.
16 Heere, bij deze dingen leeft men, en in dit alles is het leven van mijn geest; want Gij hebt mij gezond gemaakt en mij genezen.
16 “Ó Senhor, é por causa das coisas que tu fazes que todos nós vivemos; e eu também estou vivo por causa delas. Dá-me saúde a fim de que eu viva!
17 Zie, in vrede is mij de bitterheid bitter geweest; maar Gij hebt mijn ziel liefelijk omhelsd, dat zij in de groeve der vertering niet kwame; want Gij hebt al mijn zonden achter Uw rug geworpen.
17 Eu sei que foi para o meu próprio bem que sofri tanta aflição. Mas tu me salvaste da morte, pois perdoaste todos os meus pecados.
18 Want het graf zal U niet loven, de dood zal U niet prijzen; die in den kuil nederdalen, zullen op Uw waarheid niet hopen.
18 No mundo dos mortos, ninguém te agradece, ninguém louva o teu nome; os que estão ali não confiam na tua fidelidade.
19 De levende, de levende, die zal U loven, gelijk ik heden doe; de vader zal den kinderen Uw waarheid bekend maken.
19 São os vivos que te louvam, como eu te louvo agora. E os pais dizem aos filhos que todos podem confiar em ti.
20 De HEERE was gereed om mij te verlossen; daarom zullen wij op mijn snarenspel spelen; al de dagen onzes levens, in het huis des HEEREN.
20 Tu me salvaste, ó Senhor . Por isso, tocaremos as nossas a vida inteira nós te louvaremos no teu Templo.”
21 Jesaja nu had gezegd: Laat men nemen een klomp vijgen, en tot een pleister op het gezwel maken, en hij zal genezen.
21 Pois Isaías tinha dito: — Ponham uma pasta de figos em cima da úlcera do rei, e ele ficará bom.
22 En Hizkia had gezegd: Welk zal het teken zijn, dat ik ten huize des HEEREN zal opgaan?
22 E o rei Ezequias tinha perguntado: — Qual será o sinal de que eu poderei ir até o Templo?

Ler em outra tradução

Comparar com outra

Estude este capítulo no WhatsApp

Peça à IA da Bíblia Fala para explicar Isaías 38, comparar traduções ou montar um estudo — tudo direto pelo WhatsApp.