Isaías 34

Dutch (DUTCH) vs NTLH

Sair da comparação
NTLH Nova Tradução na Linguagem de Hoje 2000
1 Nadert, gij heidenen, om te horen, en gij volken, luistert toe; de aarde hore, en haar volheid, de wereld en al wat daaruit voortkomt.
1 Venham, nações, e escutem, reúnam-se, povos, e prestem atenção! Que a terra inteira escute, e que ouçam todos os que nela vivem!
2 Want de verbolgenheid des HEEREN is over al de heidenen, en grimmigheid over al hun heir; Hij heeft hen verbannen, Hij heeft ze ter slachting overgegeven.
2 O Senhor está irado com todas as nações, está furioso com todos os seus exércitos; ele já os condenou à morte e à destruição.
3 En hun verslagenen zullen weggeworpen worden, en van hun dode lichamen zal hun stank opgaan; en de bergen zullen smelten van hun bloed.
3 Os mortos ficarão onde caíram, e o mau cheiro se espalhará por toda parte; rios de sangue descerão das montanhas.
4 En al het heir der hemelen zal uitteren, en de hemelen zullen toegerold worden, gelijk een boek, en al hun heir zal afvallen, gelijk een blad van den wijnstok afvalt, en gelijk een vijg afvalt van den vijgeboom.
4 O sol, a lua e as estrelas serão destruídos, o céu se enrolará como a página de um livro. Todas as estrelas cairão do céu, como caem as folhas da
5 Want Mijn zwaard is dronken geworden in den hemel; ziet, het zal ten oordeel nederdalen op Edom, en op het volk, hetwelk Ik verbannen heb.
5 A espada do Senhor está pronta no céu. O e com a sua espada matará os edomitas.
6 Het zwaard des HEEREN is vol van bloed, het is vet geworden van smeer, van het bloed der lammeren en der bokken, van het smeer der nieren van de rammen; want de HEERE heeft een slachtoffer te Bozra, en een grote slachting in het land der Edomieten.
6 A espada ficará coberta de sangue e de gordura, como acontece com o sangue e a gordura das ovelhas e dos cabritos que são oferecidos em O e os oferecerá como sacrifício na cidade de Bosra.
7 En de eenhoornen zullen met hen afgaan, en de varren met de stieren; en hun land zal doordronken zijn van het bloed, en hun stof zal van het smeer vet gemaakt worden.
7 Com eles, também serão mortos os bois selvagens, os bezerros e os touros novos; a terra ficará encharcada de sangue, e o chão ficará coberto de gordura.
8 Want het zal zijn de dag der wraak des HEEREN, een jaar der vergeldingen, om Sions twistzaak.
8 Pois esse será o dia da vingança de Deus, o Senhor , o dia em que ele acertará as contas com os inimigos de
9 En hun beken zullen in pek verkeerd worden, en hun stof in zwavel; ja, hun aarde zal tot brandend pek worden.
9 Os rios de Edom vão virar piche, a terra vai virar enxofre; o país inteiro queimará como piche.
10 Het zal des nachts of des daags niet uitgeblust worden, tot in der eeuwigheid zal zijn rook opgaan; van geslacht tot geslacht zal het woest zijn, tot in eeuwigheid der eeuwigheden zal niemand daar doorgaan.
10 O fogo nunca se apagará, e a fumaça não parará de subir. O país ficará arrasado para sempre, e nunca mais ninguém passará por ele.
11 Maar de roerdomp en de nachtuil zullen het erfelijk bezitten, en de schuifuit, en de raaf zal daarin wonen; want Hij zal een richtsnoer der woestigheid over hen trekken, en een richtlood der ledigheid.
11 Corujas e corvos serão os donos do país e construirão os seus ninhos por toda parte. O seja de novo um lugar vazio, sem nenhum ser vivente, como era no começo da criação do mundo.
12 Hun edelen (doch zij zijn er niet) zullen zij tot het koninkrijk roepen, maar al hun vorsten zullen niets zijn.
12 Edom não terá um rei para governá-lo, e ali já não existirão mais autoridades.
13 En in hun paleizen zullen doornen opgaan, netelen en distelen in hun vestingen; en het zal een woning der draken zijn, een zaal voor de jongen der struisen.
13 Espinheiros crescerão nas mansões, o mato tomará conta das fortalezas; Edom será um lugar onde viverão raposas e avestruzes.
14 En de wilde dieren der woestijnen zullen de wilde dieren der eilanden daar ontmoeten, en de duivel zal zijn metgezel toeroepen; ook zal het nachtgedierte zich aldaar nederzetten, en het zal een rustplaats voor zich vinden.
14 Os gatos do mato e outros animais selvagens morarão ali; demônios chamarão uns aos outros, e ali a bruxa do deserto encontrará um lugar para descansar.
15 Daar zal de wilde meerle nestelen en leggen, en haar jongen uitbikken, en onder haar schaduw vergaderen; ook zullen aldaar de gieren met elkaar verzameld worden.
15 Ali as corujas farão os seus ninhos, porão ovos, e os chocarão, e abrigarão os filhotes debaixo das suas asas; ali também os urubus se juntarão, cada um com os seus companheiros.
16 Zoekt in het boek des HEEREN, en leest; niet een van dezen zal er feilen, het een noch het ander zal men missen; want mijn mond zelf heeft het geboden, en Zijn Geest Zelf zal ze samenbrengen.
16 Procurem no livro do Senhor e leiam: nenhuma dessas criaturas ficará faltando, todas estarão lá com os seus companheiros. Pois o e o seu Espírito as ajuntará.
17 Want Hij Zelf heeft voor hen het lot geworpen, en Zijn hand heeft het hun uitgedeeld met het richtsnoer; tot in der eeuwigheid zullen zij dat erfelijk bezitten, van geslacht tot geslacht zullen zij daarin wonen.
17 O Senhor dividirá a terra de Edom entre elas e dará a cada uma a sua parte. Ali elas viverão por séculos e séculos, e aquela terra será delas para sempre.

Ler em outra tradução

Comparar com outra

Estude este capítulo no WhatsApp

Peça à IA da Bíblia Fala para explicar Isaías 34, comparar traduções ou montar um estudo — tudo direto pelo WhatsApp.