Ezequiel 7

Dutch (DUTCH) vs NTLH

Sair da comparação
NTLH Nova Tradução na Linguagem de Hoje 2000
1 Daarna geschiedde het woord des HEEREN tot mij, zeggende:
1 O Senhor Deus falou comigo assim:
2 Verder, gij mensenkind, zo zegt de Heere HEERE, van het land Israels: Het einde is er, het einde is gekomen over de vier hoeken des lands.
2 — Homem mortal , é isto o que eu, o Senhor Deus, estou dizendo à terra de Israel: Tudo está acabado! Este é o fim do país inteiro!
3 Nu is het einde over u; want Ik zal Mijn toorn tegen u zenden, en Ik zal u richten naar uw wegen, en Ik zal op u brengen al uw gruwelen.
3 — Povo de Israel, o fim chegou. Vocês sentirão a minha ira , pois eu os estou julgando pelo que fizeram. Farei com que vocês sofram porque fizeram coisas imorais.
4 En Mijn oog zal u niet verschonen, en Ik zal niet sparen; maar Ik zal uw wegen op u brengen, en uw gruwelen zullen in het midden van u zijn, en gijlieden zult weten, dat Ik de HEERE ben.
4 Vou castigá-los sem dó nem piedade. Eu os castigarei pelas coisas nojentas que fizeram, para que vocês fiquem sabendo que eu sou o Senhor .
5 Zo zegt de Heere HEERE: Een kwaad, een enig kwaad, ziet, is gekomen;
5 O que o Senhor Deus diz é isto: — Cairão sobre vocês desastres, um em cima do outro.
6 Een einde is er gekomen, dat einde is gekomen, het is opgewaakt tegen u; ziet, het kwaad is gekomen!
6 Tudo está terminado. É o fim. Vocês estão acabados.
7 De morgenstond is tot u gekomen, o inwoner des lands, de tijd is gekomen, de dag der beroerte is nabij, en er is geen wederklank der bergen.
7 O fim está chegando para vocês que moram nesta terra. Está se aproximando o tempo em que nos santuários das montanhas não haverá mais festas, mas somente confusão.
8 Nu zal Ik in kort Mijn grimmigheid over u uitgieten, en Mijn toorn tegen u volbrengen, en u richten naar uw wegen, en zal op u brengen al uw gruwelen.
8 — Logo vocês vão sentir toda a força da minha ira. Eu estou julgando vocês pelo que têm feito. Farei com que sofram as consequências do seu nojento modo de agir.
9 En Mijn oog zal niet verschonen, en Ik zal niet sparen; Ik zal u geven naar uw wegen, en uw gruwelen zullen in het midden van u zijn; en gijlieden zult weten, dat Ik de HEERE ben, Die slaat.
9 Não pouparei vocês, nem terei piedade. Eu os castigarei pelas coisas imorais que têm feito, de modo que vocês saberão que eu sou o Senhor e que sou eu quem os castiga.
10 Ziet, de dag, ziet, de morgenstond is gekomen, de morgenstond is voortgekomen, de roede heeft gebloeid, de hovaardij heeft gegroend.
10 O dia da desgraça está chegando. Por toda parte há violência. O orgulho cresce.
11 Het geweld is opgerezen tot een roede der goddeloosheid; niets van hen zal overblijven, noch van hun menigte, noch van hun gedruis, en geen klage zal over hen zijn.
11 A violência aumenta e é um castigo para a maldade do povo. Tudo o que é deles desaparecerá: a sua riqueza, a sua fama, a sua glória .
12 De tijd is gekomen, de dag is genaakt; de koper zij niet blijde, en de verkoper bedrijve geen rouw; want een brandende toorn is over de gehele menigte van het land.
12 O tempo está chegando. Está perto o dia em que não adiantará mais comprar, nem vender, pois a ira do Senhor cairá igualmente sobre todos.
13 Want de verkoper zal tot het verkochte niet wederkeren, ofschoon hun leven nog onder de levenden ware; overmits het gezicht, aangaande de gehele menigte van het land, niet zal terugkeren; en niemand zal door zijn ongerechtigheid zijn leven sterken.
13 Nenhum comerciante viverá o suficiente para tornar a ganhar tudo o que perdeu, pois a ira do Senhor cairá sobre todos. Os maus não continuarão a viver.
14 Zij hebben met de trompet getrompet, en hebben alles bereid, maar niemand trekt ten strijde; want Mijn brandende toorn is over de gehele menigte van het land.
14 São tocadas as cornetas, e todos se preparam. Mas ninguém sai para a guerra porque a ira do Senhor cairá sobre todos igualmente.
15 Het zwaard is buiten, en de pest, en de honger van binnen; die op het veld is, zal door het zwaard sterven, en die in de stad is, dien zal de honger en de pest verteren.
15 Há luta nas ruas, e peste e fome nas casas. Quem estiver no campo morrerá na batalha, e quem estiver na cidade será devorado pela peste e pela fome.
16 En hun ontkomenden zullen wel ontkomen, maar zij zullen op de bergen zijn, zij allen zullen zijn gelijk duiven der dalen, kermende, een ieder om zijn ongerechtigheid.
16 Alguns, como pombas dos vales, fugirão para as montanhas. E todos gemerão por causa dos seus pecados.
17 Alle handen zullen slap worden, en alle knieen zullen henenvlieten als water.
17 As mãos de todos perderão as forças, e os seus joelhos tremerão.
18 Ook zullen zij zakken aangorden, gruwen zal ze bedekken, en over alle aangezichten zal schaamte wezen, en op al hun hoofden kaalheid.
18 Em sinal de tristeza, eles vestirão roupa feita de pano grosseiro e tremerão como varas verdes. As cabeças deles serão rapadas, e todos passarão vergonha.
19 Zij zullen hun zilver op de straten werpen, en hun goud zal tot onreinigheid zijn; hun zilver en hun goud zal hen niet kunnen uithelpen ten dage der verbolgenheid des HEEREN; hun ziel zullen zij niet verzadigen, en hun ingewanden zullen zij niet vullen; want het zal de aanstoot hunner ongerechtigheid zijn.
19 Jogarão o seu ouro e a sua prata nas ruas como lixo porque, quando Deus ficar enfurecido, nem ouro nem prata poderão salvá-los. Eles não poderão usá-los para satisfazer aos seus desejos ou encherem os seus estômagos. O ouro e a prata os levaram a pecar.
20 En Hij heeft de schoonheid Zijns sieraads ter overtreffelijkheid gezet; maar zij hebben daarin beelden hunner gruwelen en hunner verfoeiselen gemaakt; daarom heb Ik dat hun tot onreinigheid gesteld.
20 Eles se orgulhavam das suas lindas joias, porém as usaram para fazer ídolos nojentos. Foi por isso que Deus fez com que eles ficassem com nojo das suas riquezas.
21 En Ik zal het in de hand der vreemden overgeven ten roof, en den goddelozen der aarde ten buit, en zij zullen het ontheiligen.
21 — Eu vou deixar que estrangeiros os roubem! — diz o Senhor . — Os maus pegarão toda a sua riqueza e a tratarão como se fosse uma coisa imunda.
22 Ook zal Ik Mijn aangezicht van hen omwenden, en zij zullen Mijn verborgen plaats ontheiligen; want inbrekers zullen daar inkomen en die ontheiligen.
22 Não farei nada quando o meu Templo for desrespeitado, quando ladrões o invadirem e profanarem .
23 Maak een keten; want het land is vol van bloedgerichten, en de stad is vol van geweld.
23 — Tudo é confusão. A terra está cheia de assassinos, e as cidades estão cheias de violência.
24 Daarom zal Ik de kwaadste der heidenen doen komen, die hun huizen erfelijk bezitten zullen, en zal den hoogmoed der sterken doen ophouden, en die hen heiligen, zullen ontheiligd worden.
24 Trarei aqui as nações mais perversas e lhes darei as casas de vocês. Quando eu deixar as nações pagãs profanarem os lugares onde vocês adoram, até os homens fortes perderão a confiança em si mesmos.
25 De ondergang komt; en zij zullen den vrede zoeken, maar hij zal er niet zijn.
25 O desespero está chegando. Vocês procurarão a paz, porém não a encontrarão.
26 Ellende zal op ellende komen, en er zal gerucht op gerucht wezen; dan zullen zij het gezicht van een profeet zoeken; maar de wet zal vergaan van den priester, en de raad van de oudsten.
26 Haverá desgraça após desgraça, e más notícias em cima de más notícias. Vocês pedirão que os profetas expliquem o que eles estão vendo que vai acontecer. Os sacerdotes não terão nada para ensinar ao povo, e os velhos não terão conselhos para dar.
27 De koning zal rouw bedrijven, en de vorsten zullen met verwoesting bekleed zijn, en de handen van het volk des lands zullen beroerd zijn; Ik zal hun doen naar hun weg, en met hun rechten zal Ik ze richten; en zij zullen weten, dat Ik de HEERE ben.
27 O rei chorará, o príncipe perderá as esperanças, e o povo tremerá de medo. Eu castigarei vocês por tudo o que fizeram e os julgarei do modo como vocês julgaram os outros. Isso mostrará que eu sou o Senhor .

Ler em outra tradução

Comparar com outra

Estude este capítulo no WhatsApp

Peça à IA da Bíblia Fala para explicar Ezequiel 7, comparar traduções ou montar um estudo — tudo direto pelo WhatsApp.