2 Crônicas 15

Dutch (DUTCH) vs NAA

Sair da comparação
NAA Nova Almeida Atualizada 2017
1 Toen kwam de Geest Gods op Azaria, den zoon van Oded.
1 O Espírito de Deus veio sobre Azarias, filho de Odede,
2 En hij ging uit, Asa tegen, en hij zeide tot hem: Hoort mij, Asa, en gans Juda, en Benjamin! De HEERE is met ulieden, terwijl gij met Hem zijt; en zo gij Hem zoekt, Hij zal van u gevonden worden; maar zo gij Hem verlaat, Hij zal u verlaten.
2 que saiu ao encontro de Asa e lhe disse: — Asa e todo o Judá e Benjamim, escutem! O
3 Israel nu is vele dagen geweest zonder den waren God, en zonder een lerenden priester, en zonder de wet.
3 Israel esteve por muito tempo sem o verdadeiro Deus, sem sacerdote que o ensinasse e sem Lei.
4 Maar als zij zich in hun nood bekeerden tot den HEERE, den God Israels, en Hem zochten, zo werd Hij van hen gevonden.
4 Mas quando, na sua angústia, eles voltaram ao Senhor , Deus de Israel, e o buscaram, foi por eles achado.
5 En in die tijden was er geen vrede voor dengene, die uitging, en dengene, die inkwam; maar vele beroerten waren over al de inwoners van die landen;
5 Naqueles tempos, não havia paz nem para os que saíam nem para os que entravam, mas muitas perturbações sobre todos os moradores daquelas terras.
6 Dat volk tegen volk, en stad tegen stad in stukken gestoten werden; want God had hen met allen angst verschrikt.
6 Porque nação contra nação e cidade contra cidade se despedaçavam, porque Deus os afligiu com todo tipo de angústia.
7 Daarom weest gij sterk, en laat uw handen niet verslappen; want er is loon naar uw werk.
7 Mas sejam fortes e não deixem que as suas mãos desfaleçam, porque a obra de vocês será recompensada.
8 Als nu Asa deze woorden hoorde, en de profetie van den profeet Oded, sterkte hij zich, en hij deed weg de verfoeiselen uit het ganse land van Juda en Benjamin, en uit de steden, die hij van het gebergte van Efraim genomen had, en vernieuwde het altaar des HEEREN, dat voor het voorhuis des HEEREN was.
8 Ao ouvir estas palavras e a profecia do profeta, filho de Odede, Asa se animou e tirou as abominações de toda a terra de Judá e de Benjamim, bem como das cidades que havia conquistado na região montanhosa de Efraim. Ele renovou o altar do Senhor , que estava diante do pórtico do Senhor .
9 En hij vergaderde het ganse Juda en Benjamin, en de vreemdelingen met hen uit Efraim, en Manasse, en uit Simeon; want uit Israel vielen zij tot hem in menigte, als zij zagen, dat de HEERE, zijn God, met hem was.
9 Congregou todo o Judá e Benjamim e também os de Efraim, Manassés e Simeão que estavam morando entre eles, porque muitos de Israel passaram para o lado de Asa, vendo que o Senhor , seu Deus, estava com ele.
10 En zij vergaderden zich te Jeruzalem, in de derde maand, in het vijftiende jaar van het koninkrijk van Asa.
10 Eles se reuniram em Jerusalém no terceiro mês do décimo quinto ano do reinado de Asa.
11 En zij offerden den HEERE ten zelfden dage van den roof, dien zij gebracht hadden, zevenhonderd runderen en zeven duizend schapen.
11 Naquele dia, ofereceram em sacrifício ao Senhor , do despojo que trouxeram, setecentos bois e sete mil ovelhas.
12 En zij traden in een verbond, dat zij den HEERE, den God hunner vaderen, zoeken zouden met hun ganse hart en met hun ganse ziel.
12 Entraram em aliança de buscar o Senhor , Deus de seus pais, de todo o coração e de toda a alma,
13 En al wie den HEERE, den God Israels, niet zou zoeken, zou gedood worden, van den kleine tot den grote, en van den man tot de vrouw toe.
13 e de condenar à morte todos aqueles que não buscassem o Senhor , Deus de Israel, tanto os pequenos como os grandes, tanto homens como mulheres.
14 En zij zwoeren den HEERE met luider stem en met gejuich, desgelijks met trompetten en met bazuinen.
14 Juraram ao Senhor , em alta voz, com júbilo e ao som de clarins e trombetas.
15 En gans Juda was verblijd over dezen eed; want zij hadden met hun ganse hart gezworen, en met hun gansen wil Hem gezocht; en Hij werd van hen gevonden, en de HEERE gaf hun rust rondom henen.
15 Todo o Judá se alegrou por causa deste juramento, porque eles juraram de todo o coração e, de toda a boa vontade, buscaram o Senhor , e por eles foi achado. O Senhor lhes deu paz por toda parte.
16 Aangaande ook Maacha, de moeder van den koning Asa, hij zette haar af, dat zij geen koningin ware, omdat zij een afgrijselijken afgod in een bos gemaakt had; ook roeide Asa haar afgrijselijken afgod uit, en verbrijzelde en verbrandde hem aan de beek Kidron.
16 O rei Asa depôs também Maaca, sua mãe, da dignidade de rainha-mãe, porque ela havia feito uma abominável imagem para servir de poste da deusa Aserá. O rei Asa destruiu essa imagem, que ele reduziu a pó e queimou no vale do Cedrom.
17 De hoogten werden wel niet weggenomen uit Israel, het hart van Asa nochtans was volkomen al zijn dagen.
17 Os lugares altos, porém, não foram tirados de Israel. No entanto, o coração de Asa foi fiel ao Senhor durante toda a sua vida.
18 En hij bracht in het huis Gods de geheiligde dingen zijns vaders, en zijn geheiligde dingen, zilver en goud, en vaten.
18 Ele trouxe à Casa de Deus as coisas consagradas por seu pai e as coisas que ele mesmo havia consagrado: prata, ouro e utensílios.
19 En er was geen oorlog tot in het vijf en dertigste jaar van het koninkrijk van Asa.
19 Não houve guerra até o trigésimo quinto ano do reinado de Asa.

Ler em outra tradução

Comparar com outra

Estude este capítulo no WhatsApp

Peça à IA da Bíblia Fala para explicar 2 Crônicas 15, comparar traduções ou montar um estudo — tudo direto pelo WhatsApp.